Juist rond de viering van Pasen en Pesach dook het ‘schuld aan de joden’-fabeltje in de loop der eeuwen op. Nog steeds, blijkt uit een Messianistische website. Die een wel heel vreemde uitleg geeft aan het waarom van de gaatjes in de matzes. En ook voor de ‘striemen’ op de matzes is er een verklaring.
Doorboord
“Als we de matze tegen het licht houden dan zien we dat hij vol gaatjes zit, de doorboorde handen en voeten.
Duizenden jaren wordt deze handeling al herhaald door Juda en niet doorzien.”
De uitleg wordt gegeven in een digitale messianistische haggada, door Wim Jongman uit IJsselmuiden in de Messiaanse Haggada van Henriette en Rene de Groot. Dus Juda (synoniem voor: Joden) prikt gaatjes in de matzes, en pleegt daarmee al eeuwen een soort voodoo. Maar dit zou niet worden doorzien.
Striemen
Elders schrijft Jongman dat een rabbijn die zich verzet tegen christelijke zending, aan internetboekwinkels heeft gevraagd christelijke haggadot niet meer in de zelfde rubriek aan te bieden als gewone haggadot.
Schrijft Jongman er bij: De boekhandels gaan ermee akkoord dat ze het boek onder het kopje Christelijk wordt geplaatst. … De rabbi is zeker bang dat de christelijke versie de Joden de ogen zal openen voor de verborgenheden die in de Seder zijn opgenomen door het Judaïsme, zoals dat de matzes striemen vertonen en doorboord is met gaatjes.
De weg kwijt
Wim Jongman besluit zijn uitleg over Pesach met een stukje ‘zelfreflectie’: “Het is al heel jammer dat we de symboliek van de feesten kwijt zijn. Begrippen door elkaar hebben gegooid en de weg kwijt zijn.”
