Parsja Vajechi 5773

WAJECHI (en hij leefde). Ja’akov leeft 17 jaar in Egypte als hij zijn einde voelt naderen. Hij laat Joseef zweren dat hij hem zal begraven in de spelonk Machpela. Ja’akov is blind. Bij de zegen legt hij zijn rechterhand op het hoofd van Efraïm, de jongste en zijn linkerhand op het hoofd van Menasjee. De jongste zal groter worden dan de oudste. Ja’akov ontbiedt dan zijn andere zonen voor een Beracha (zegen). Ja’akov krijgt een grote begrafenis in de Machpela. Na hun vaders dood vrezen de broers de wraak van Joseef maar hij stelt hen gerust. Als ook hij zijn einde ziet naderen voorspelt hij, dat G’d hen zal uitvoeren en laat hen zweren dat de broers zijn gebeente zullen meenemen. Joseef werd 110.

Vajechi is de twaalfde en laatste parsja in Bereesjiet, het eerste boek van de Tora. Bereesjiet beschrijft de eerste 2309 jaar van de menselijke geschiedenis en bevat 1534 pesoekiem (verzen). Het behandelt de schepping van de wereld tot het ontstaan van de Hebreeuwse familie tot de dood van Joseef. Bereesjiet speelt zich af in Kana’an, Turkije, Babylonië, Syrië, Irak, Egypte, het zuiden van Israël (de Negev), Sedom, het land van de Filistijnen, Be’er sjeva en Edom.

Vajechi bestaat uit 12 parsjiot, waarvan 7 open en 5 gesloten stukken, parsjiot setoemot, telt 85 pesoekiem, verzen, 1158 woorden, 4448 letters en is hiermee de 44e na langste parsja. Vajechi bevat geen ge- of verboden.

VERDIEPING I: Het einde van de dagen
Tora-uitleg is werk voor experts. Een kleine tekstuele overbodigheid is vaak aanleiding voor diepere verklaringen. Neem bijvoorbeeld de volgende passage: “Ja’akov riep zijn zoons bijeen en zei: “Verzamelt jullie en ik zal jullie vertellen wat jullie zal gebeuren aan het einde van de dagen. Verzamelt jullie en luistert, zonen van Ja’akov, en luistert naar Israël, uw vader.” (49:1-2). Daarna volgen de berachot (zegeningen).

Masjie’ach
Wat is dat ‘einde van de dagen’? Rasji e.a. verklaren op deze woorden, dat “Ja’akov zijn zoons de toekomst in de tijd van de Masjie’ach wilde openbaren maar de G’ddelijke Aanwezigheid (de Sjechina, de Profetische Geest) ging van hem weg”. Waarom zouden de woorden “einde van de dagen” niet gewoon op de zegeningen kunnen slaan, die Ja’akov zijn zoons verder in de parsja geeft (49:3 e.v.), waarin ook toekomstige gebeurtenissen worden behandeld?
“Het einde van de dagen” als Messiaanse eindtijd is niet altijd de meest voor de hand liggende verklaring van deze woorden. Zo betekent “einde der dagen” in de discussie tussen Bileam en Balak (Bemidbar/Numeri 24:14) volgens Rasji de tijd van koning David – dus niet het Messiaanse einde der tijden.

Schijnbaar overbodig
Maar opgelet: er staat hier in de openingsverzen een schijnbaar overbodige herhaling. Allereerst zei Ja’akov:“Verzamelt jullie en ik zal jullie vertellen”. Pas daarna zegt hij: “Verzamelt jullie en luistert, zoons van Ja’akov”. Er waren kennelijk twee gelegenheden waarbij Ja’akov zijn zoons samenbracht. De tweede bijeenkomst wordt in hoofdstuk 49 in de zegeningen uitgewerkt. De inhoud van de eerste bijeenroeping blijft echter onduidelijk. Waarom staat er niet gewoon wat Ja’akov wilde zeggen? Ja, legt Rasji uit, hij wilde inderdaad wat zeggen maar G’ds Geest verliet hem, zodat hij het einde van de dagen niet kon openbaren. Hoe weet Rasji echter, dat Ja’akov het Messiaanse tijdperk wilde voorspellen?

Taalnuance
De Zohar (I:234b) gaat in op een subtiele taalnuance en maakt onderscheid tussen drie soorten spreken: Dibboer, Amira en Agada: spreken, zeggen en vertellen. Deze drie werkwoorden hebben verschillende betekenissen: spreken is alleen maar een verbale handeling, zeggen komt uit het hart en vertellen is de stem van de nesjama (ziel). Zeggen en spreken zijn oppervlakkige gebeurtenissen omdat ze niet uit het diepste van onze nesjomme stammen. Soms spreken we woorden die we niet menen. Agada – ook wel Midrasj genoemd – gaat de diepte in. Onze Wijzen zeiden over de Agada: “Als je G’d wil leren kennen, leer dan Agada. Dat is G’ds werkelijke wil” (Sifri Dewariem 11:22). Daarom zeggen de Chagamiem op de woorden “ik zal jullie vertellen” dat dit slaat op het einde van de dagen, wanneer G’d ons Zijn diepste wensen kenbaar zal maken.

Mislukte profetie
Waarom meenden onze Wijzen dat de G’ddelijke Aanwezigheid Ja’akov verliet? Ja’akov nam aan, dat zijn zoons, nadat zij zich verenigd hadden in werkelijke eenheid, inderdaad waardig waren om het Messiaanse einde der dagen te horen. De profetie mislukte echter. Zij konden de Sjechina niet in zichzelf realiseren. Daarom vertrok de G’ddelijke Aanwezigheid. Ja’akov kon geen profetische boodschappen meer doorgeven aan zijn zoons, omdat zij qua niveau daarvoor niet in aanmerking kwamen. Daarna verliet de G’ddelijke Aanwezigheid Ja’akov ook. Het feit dat zijn kinderen niet op zijn niveau stonden, tastte ook Ja’akovs eigen spirituele kwaliteit aan. Toch is dit moeilijk te begrijpen. De zonen bleven wie ze waren en waren niet veranderd. Wat was er plotseling veranderd toen Ja’akov het einde der dagen wilde openbaren?

Niveauverlaging
Ja’akov was niet eerder voornemens om het Messiaanse aan zijn zoons te openbaren. Daarom werd hij niet gedegradeerd door hun niveau. Maar toen hij met hen in contact wilde komen, tastte dat ook het niveau van Ja’akov aan: de Sjechina verliet hem. Grote Tsaddikiem (heiligen) lijden onder het niveau van hun generatiegenoten.
Als we nadenken over de spirituele toestand van onze generatie, kan men zich afvragen hoe wij ooit de Masjie’ach waardig zullen zijn. Er is nog hoop! Het feit dat wij in onze generatie voelen dat wij de komst van de Masjie’ach niet verdienen, is al een teken dat de Masjie’ach in de buurt is. Onze Rabbijnen zeggen (B.T. Sanhedrien 97a) dat de Masjie’ach alleen onverwachts zal arriveren, wanneer wij de hoop op zijn komst al lang hebben opgegeven (Bron: Likoeté Sichot 10:167-172). We hebben geen recht om te wanhopen!

VERDIEPING II: Het einde van het eerste Tora-boek
Toen Ja’akov binnengedragen zou worden in de Machpela, maakte Esau bezwaren. Hij eiste ruimte voor zijn eigen begrafenis op. Ja’akovs zonen waren het hier niet mee eens. Ze zeiden dat Ja’akov het eerstgeboorterecht en ook het grafrecht in de Machpela schriftelijk van Esau had gekocht. Esau wilde dat document zien.
De broers zeiden dat ze dat hadden achtergelaten in Egypte. Naftali rende snel terug. Zo werd de begrafenis uitgesteld. Een dove kleinzoon van Ja’akov begreep niet precies wat er aan de hand was. Hij zag echter dat Esau Ja’akov niet liet begraven. Hij pakte een stok en sloeg Esau dood. Het bloed van Esau spatte op Ja’akovs kist en Esaus hoofd rolde de Machpela in. Esau’s
hoofd werd begraven bij de familie omdat Esau altijd Tora had geleerd bij zijn vader en grootvader Avraham. Maar het bleef hangen op intellectueel niveau en drong niet door in de rest van zijn persoonlijkheid. Daarom werd de rest van zijn lichaam teruggebracht naar Esaus land Se’ier.

Na het overlijden van Farao volgde Joseef Farao op als nieuwe koning van Egypte. Joseef was een van de jongste broers maar overleed het eerst. Dat kwam omdat hij zijn vader onvoldoende had geëerd. Men leeft lang als men zijn ouders eert. Hij had Ja’akov zijn “dienaar” laten noemen door zijn broers voor de ontknoping. Bovendien had Joseef zich te autoritair opgesteld tegenover zijn broers. Joseefs stoffelijke overschot werd in een ijzeren kist verzonken in de Nijl. De Egyptenaren dachten dat dit de belangrijkste levensader van Egypte zegen zou brengen (Midrasj).

HAFTARA: I Melachiem, Koningen 2:1-12
Op zijn sterfbed geeft koning David zijn zoon Salomo opdracht om generaal Joav geen vredige dood te gunnen omdat hij twee opperbevelhebbers, Avneer en Amasa, had aangedaan. Wat was hier gebeurd? Ik beperk me tot Amasa. Rabbi Moshe Weismann gaat hier dieper op in. Bij de opstand van Davids zoon Avsjalom had Amasa Avsjaloms kant gekozen. David gaf opdracht zijn zoon Avsjalom niet te doden. Maar Joav gaf opdracht Avsjalom wel te doden.

Amasa koos uiteindelijk de kant van David. Joav viel in ongenade en Amasa werd benoemd tot Davids belangrijkste generaal. Maar Joav bleef hoog in aanzien, omdat hij een grote Tora-geleerde was en altijd zorgde voor de armen. Hij had Olam haba, een plaats in de toekomstige wereld verdiend. Maar deze verloor hij door het doden van Avneer en Amasa. Wat gebeurde er tussen Joav en Amasa? Amasa moest van koning David de mannen van Jehoeda ronselen tegen de opstandige Sjiva ben Bichrie maar Amasa gaf de mannen van Jehoeda uitstel omdat ze intens bezig waren met de Tora.

Amasa redeneerde dat Tora-leren het allerbelangrijkste was en negeerde hiermee de orders van de koning (iets waarop in die tijden de doodstraf stond). Joav voerde de doodstraf op slinkse wijze uit. Hij werd voor het Sanhedrien, het hoogste gerechtshof gesleept voor moord op Amasa. Maar Joav kon niet veroordeeld worden bij gebrek aan bewijs. Een koning heeft meer persoonlijk beslissingsrecht dan een Sanhedrien om orde te handhaven.

David vond het erg belangrijk, dat de naam van zijn dynastie zuiver zou blijven. Hij wilde op geen enkele manier betrokken zijn bij het `uit de weg ruimen van Avneer en Amasa’ door Joav. Joav kon kennelijk tijdens het leven van David niet gestraft worden. Misschien was Joav te machtig of genoot hij te veel populariteit of waren de familiebanden te sterk. Joav was namelijk een neef van koning David, de zoon van zijn zuster Tseroeja. David maakte zich druk om zijn geestelijk welzijn. David wilde dat zijn neef zo veel mogelijk onbezoedeld de Olam haba, de Toekomstige wereld, zou betreden.
Hiervoor moest hij boeten op deze wereld. Zou hij gewoon sterven, dan zou hij de volle laag straf in de Olam haba krijgen. Dat wilde koning David voorkomen. Maar om dit soort zaken te zien en te willen, moet men op een hoger niveau staan dan de gemiddelde burger. Wat in Tenach gebeurt, is niet simpel in termen van de media uit de 21e eeuw te vertalen. Daarom is Tenach vertalen bijna onmogelijk zonder nadere uitleg.

Reacties zijn gesloten.