Rabbijn Vorst onthult wonderbaarlijkheden in chassidisch basisdocument

Rabbijn Ies Vorst uit Amstelveen heeft een wonderbaarlijke samenloop ontdekt tussen de inhoud van het standaardwerk voor Chabad-chassidiem, Tanya, en de lezing er van door het jaar heen. Zijn boek Nifla’ot misefer haTanya – נפלאות מספר התניא werd afgelopen zaterdagavond / motsa’ee sjabbat in de sjoel van Ziekenhuis Amstelland gepresenteerd.

Rabbijn Vorst Niflaot misefer haTanyaHet chassidisch-filosofisch werk Tanya werd zo’n 200 jaar geleden geschreven door de eerste Lubavitcher Rebbe. Rabbijn Vorst toont aan dat de auteur nooit de bedoeling heeft of kan hebben gehad dat het boek in een heel jaar uit zou worden gelezen, zoals gebeurt bij de Tora. Pas zeventig jaar geleden werd er door de toenmalige leider van Lubavitch, rabbijn Joseph Jitschak Schneersohn, besloten om de Tanya steeds in een jaar uit te lezen. Zo plegen sindsdien vele duizenden Lubavitchers te doen, waaronder ook rabbijn Vorst.

Iedere ochtend een stukje lezend in het boek Tanya, begon hij verbanden te zien tussen de inhoud van het stukje van de dag en de dag op de joodse kalender. Terwijl de auteur dat verband nooit heeft gelegd. Rabbijn Vorst noemt het: wonderbaarlijkheden in het boek Tanya.
Hij heeft in de loop van het leren door de jaren er aantekening van gemaakt, wanneer een bepaald woord of zinsdseeel uit het Tanya-gedeelte van die dag betrekking had op de datum, het feest of de periode van het jaar. Uit die verzameling heeft rabbijn Vorst nu zijn boek samengesteld. Een uiterst originele begeleiding bij de Tanya-van-de-dag, voor wie dagelijks de Tanya leest.

En dat zijn er waarschijnlijk vele tienduizenden. Het aantal Lubavitcher sjelichiem wereldwijd betreft al ettelijke duizenden. Het aantal dagelijkse lezers van de Tanya, moet dus wel meer dan 10.000 bedragen. En dan zijn er al twee, drie generaties sinds Joseph Jitschak Schneersohn besloot er een dagelijkse bezigheid van te maken.

Uiterst opmerkelijk dat deze vondst gedaan wordt door rabbijn Ies Vorst uit Amstelveen, een van de duizenden en duizenden die sinds zeventig jaar de Tanya jaar in jaar uit leest en hebben gelezen. Dat de uitgever er brood in zag, duidt er op dat rabbijn Vorst de eerste is die ontdekt heeft dat er een wonderbaarlijk systematische koppeling is tussen de inhoud van het boek en de dag waarop de passage er uit wordt gelezen.

Bij de boekpresentatie waren namens het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap PC-lid Peter Luzac en NIK-secretaris Ruben Vis aanwezig.

Reacties zijn gesloten.