Enkele jaren nadat de Mizrachi Wereldorganisatie was opgericht, werd ook gepoogd een Mizrachi Nederland op te zetten. Belangrijke mensen achter de Mizrachi Nederland waren Opperrabbijn J.H. Dünner uit Amsterdam, Opperrabbijn S. Dasberg uit Groningen en Rabbijn S.Ph. de Vries uit Haarlem.
In 1915 was al een Amsterdamse Mizrachi jeugdbeweging opgericht, Zichron Ja’akov. In 1929 werd een tweede snief (branch) opgericht in Rotterdam en iets dergelijks vond ook plaats in Den Haag. Het was een tijd van assimilatie. Jongelui raakten hun band met Jodendom en het land Israel langzamerhand kwijt. Opperrabbijn Davids van Rotterdam beschreef de organisatie in 1935 als ‘een verfrissende en enthousiaste jeugdgroep’. In Utrecht heette de sinds 1938 opgerichte jeugdgroep van de Mizrachi al Akiwah. Uit deze voor-oorlogse groepen is de na-oorlogse voortzetting onder de naam Bne Akiwa voortgekomen, dat deze lijn tot op de dag van vandaag heeft volgehouden.
In de Tweede Wereldoorlog kwam een aantal jongeren met het idee om iets als Bne Akiwa, op te richten in Westerbork. Het werd Schulerkreis genoemd en was een soort substituut voor school. Hun motto luidde: HaTora hie chajenoe, ha’emet hie diglenoe, ha’achdoet hie kochenoe.
Na de verschrikkingen van de Holocaust begonnen sommigen van de overlevenden de eerste bijeenkomsten in Amsterdam en Den Haag in 1946. Later volgde de oprichting van afdelingen in andere plaatsen in het hele land. De bijeenkomsten in Amsterdam werden in de Johannes Vermeerstraat gehouden onder de naam Bne Akiwa, als jeugdorganisatie van de Mizrachi. In de zomer van 1946 namen Nederlandse Bne Akiwa-leden deel aan een machanee in Belgioë. In 1947 werd een landelijke dag gehouden in Bunnik en in de zomer volgde het eerste machanee op Nederlandse bodem.
Dit jaar was Bne Akiwa Nederland de gastheer van het jaarlijkse Europese Bne Akiwa songfestival met deelnemende groepen uit vele landen waaronder zelfs uit Turkije. Rabbijn Raphael Evers, rabbijn van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap, sprak de deelnemers en meer dan 250 toeschouwers toe.

Jitro zei gisteren in de parsja tegen zijn schoonzoon Mosje Rabbenoe, dat hij er aankwam, met Mosje’s vrouw Tsippora en zijn zoons Gersjom en Eliezer. Wat bedoelde hij met het vermelden van Tsippora en Mosje’s beide zoons?
Jitro vreesde dat Mosje rond de Matan Tora, het geven van de Tora op de berg Sinai in hogere sferen vertoefde en helemaal geen oog meer zou hebben voor zijn medemens. Jitro was bang dat Mosje alleen nog op Hasjeem, G’d gericht was en niet meer op zijn medemens, zelfs niet zijn eigen gezin,.
Maar het omgekeerde bleek waar te zijn. Mosje kwam met het hele volk naar buiten om Jitro, Tsippora, Gersjom en Eliezer te verwelkomen. Mosje kon de hoogste spiritualiteit combineren met ahavat hazoelat, liefde voor zijn medemens.
Ik ben mijn carriere zo een 40-50 jaar geleden bij Bne Akiwa begonnen. Bne Akiwa is in staat is gebleken – al meer dan 65 jaar – om de ahawat Jisraeel, ahawat Erets Jisraeel en ahawat haTora te combineren in een inspirerende en continue stroom van jeugdig elan.
Jullie zijn in staat om iedereen aan te zetten tot een hoger niveau van Jodendomsbeleving.
Bne Akiwa bestaat meer dan 65 jaar. Iemand van 60 noemen wij zikna, een oudere. Iemand van 70 noemen wij sewa, een grijsaard. Bne Akiwa is er midden tussen de 60 en 70 jaar in geslaagd om alive and kicking te blijven, inspirerend en actueel, empowering jongelui om naar Israel te gaan en het Land te helpen opbouwen.
Moge het jullie gegeven zijn te mogen zien hoe eindelijk alle Bnee Jisraeel uit de gola onder gezang en dans zullen optrekken naar Artsenoe hakedosja, bimhera bejamenoe, ameen!
