Selichot – smeekgebeden, met een innig berouwhebbend gemoed

De inhoud en structuur van de selichot (smeekgebeden) die wij voor Rosj Hasjana, tussen Rosj Hasjana en Jom Kippoer en op Jom Kippoer (alsmede de andere vastendagen in het jaar) zeggen, zijn ook voor de regelmatige sjoelbezoeker niet gemakkelijk toegankelijk. De selichot zijn grotendeels in dichtvorm geschreven en bevatten vele citaten uit en verwijzingen naar Midrasj- en Talmoedplaatsen.

 

Met een innig berouwhebbend gemoed
Amsterdam tijdsverdeling JomKippoer 1891Selichot is de algemene naam, gegeven aan een verzameling gebeden en smeekredenen, die met een innig berouwhebbend gemoed worden uitgesproken. Men wendt er zich in tot G’d, smeekt Hem vergiffenis om ons uit de nood te redden, van kommer te bevrijden en in de langdurige ballingschap niet te verlaten.

Terwijl men zich tijdens het bestaan van de Tempel naar Jeroesjalajiem kon begeven om door offers de vergiffenis voor begane misstappen te vragen, moest er na de verwoesting van de Tempel naar een andere wijze van vergiffenis verzoeken worden omgezien. De mannen van de Grote Vergadering vervaardigden daarop gebeden om in het gemis van de offergaven in de Tempel te voorzien. Eveneens werden op vastendagen (waarop om vergiffenis wordt gebeden) naar gelang de omstandigheden gebeden uitgesproken. Deze gebeden vormen de oorsprong van de selichot.

Tafereel van ongelukkige omstandigheden
De selichot die gedurende de Middeleeuwen zijn samengesteld schetsen een tafereel van ongelukkige omstandigheden waaronder ons volk gebukt ging. Een beeld van de ballingschap, het lijden, de kommer, die het te verduren had; martelaarschap en de herinnering aan gelukkiger momenten ten tijde van de bewoning van het Joodse land.

Polak & Van Ameringen schreven in 1860:

Wanneer er een ladder van rampen bestaat, dan mag men zonder overdrijving zeggen dat Israel (het Joodse volk) de hoogste sport bereikt heeft.

Het leven is als een schaduw
Er wordt in de selichot gewezen op het gemis aan een functionerende Tempel. Aan de orde komen de tegenstelling tussen het gewicht van de heilige dagen tegenover de zwakheid en nietigheid van de mensen; het leven is als een schaduw, een vervliegende damp. Terwijl G’d eeuwigdurend, almachtig en oneindig goed is. Voor Zijn blik blijft niets verborgen.

In de selichot worden werkzame instrumenten genoemd voor herstel: G’ds verbond, de eeuwige Tora, de dertien G’ddelijke eigenschappen, de ballingschap, het vasten, telilla (gebed) en tesjoewa (inkeer, verbetering van het menselijk gedrag). De smeekbede van het Joodse volk zal gaarne worden verhoord.

Pizmon – refrein
Naar inhoud en dichtvorm worden verschillende soorten selichot onderscheiden. Een van de laatste der uit te spreken selichot is steeds de pizmon. Zo genoemd omdat er een refrein in is opgenomen dat eerst door de chazzan wordt gezongen en vervolgens door de Gemeente wordt herhaald. De chazzan gaat daarna verder met de overige coupletten en wanneer hij heeft afgesloten herhaalt de Gemeente nogmaals het refrein.

Offer van Jitschak
Veel selichot verwijzen naar het offer van Jitschak (de ‘akeda) en die selichot worden dan ook ‘akeda genoemd. De bereidvaardigheid van Awraham awienoe om zijn zoon Jitschak te offeren, waaraan zich als vanzelf de eed op de berg Maria gedaan, verbindt, was reeds vroeg een onderwerp dat in de gebeden werd opgenomen. De ramshoorn waarop op Rosj Hasjana wordt geblazen, wordt met Awrahams beproeving om zijn enige zoon te offeren in verband gebracht. Ook het onderdeel zichronot in het moesaf-gebed van Rosj Hasjana wordt met een verwijzing naar het offer van Jitschak afgesloten.

 

 

Door: Ruben Vis, ontleend aan de Inleiding op Selichot – Smeekgebeden, G.I. Polak en M.L. van Ameringen, Amsterdam, 1860

Reacties zijn gesloten.