Het stadje Terborg in de Gelderse Achterhoek heeft een lange historie van joodse aanwezigheid gekend. De eerste Joden zouden er al in de middeleeuwen hebben gewoond tot de pestepidemie van 1349 toen joden werden vermoord en verbannen uit de plaatsen waar ze woonden omdat ze de schuld kregen van het verspreiden van de dodelijke ziekte. Veel later, in 1901 werd er in Terborg een synagoge gebouwd aan de Silvoldseweg die op 21 augustus van dat jaar werd ingewijd door opperrabbijn Lion Wagenaar van Gelderland. Drie Torarollen werden in drie rijtuigen naar de toen nieuwe sjoel gebracht. Deze sjoel heeft tot in de oorlog gefunctioneerd. Het grootste deel van de joodse bevolking werd in de jaren 1942-’43 opgepakt, gedeporteerd en omgebracht.
Het synagogegebouw raakte in 1945 tijdens een bombardement zwaar beschadigd en werd later afgebroken.
Maar de sjoel die 115 jaar geleden werd ingewijd, keert terug. Niet in Terborg maar in Mevo Choron, een plaatsje tussen Jeruzalem en het vliegveld Ben Gurion. Daar bouwt een ex-Nederlander aan een sjoel voor dit dorp, en hij koos er voor om daarvoor het bakstenen bedehuis uit Terborg opnieuw op te bouwen omdat zijn voorouders in Terborg woonden.
Er bestaan foto’s van het gebouw en de bouwtekeningen zijn ook bewaard gebleven. Gebaseerd op deze kennis verschijnt er nu een typisch Nederlandse Medienesjoel in het heilige land. De buitenkant van het gebouw is klaar.

Terborg-sjoel in aanbouw in Mevo Choron.
Foto Facebook:m בית כנסת הולנדי
Mezoeza uit Terborg
Een sjoelruimte hoeft geen mezoeza te hebben. Maar aan de deur van het gebouw wordt een mezoeza bevestigd. Het huisje waarin het perkament zit, is afkomstig uit Terborg. Een buurtbewoner nam het mee toen het gebouw werd gesloopt en heeft nu zo’n zeventig jaar later, het kokertje ter beschikking gesteld van de Terborg-sjoel in Mevo Choron.
Gered Aron Hakodesj
Binnen staat een heel hoog oud Aron Kodesj opgesteld dat afkomstig is uit de streek rond de plaats Alba Iulia (Karslburg) in Transsylvanië (Roemenië). Daarvandaan zijn de joden gedeporteerd. Na de oorlog is de lege sjoel afgebroken. Een van de laatste Joodse bewoners van het stadje waar de sjoel stond, slaagde erin de zeven meter hoge kast te redden van de sloop. De Aron Hakodesj werd door zijn toedoen in bewaring genomen door de predikant van een protestantse kerk in het kleine dorpje in Transsylvanie die het in delen opsloeg op de zolder van het kerkgebouw. Op instigatie van een kerkgemeente in de Zeeuwse plaats Arnemuiden is de kast door Mottel Aronson naar Amsterdam gehaald, waar het geheel onder toezicht van universitaire kunsthistorici in de Russische sjoel aan Nieuwe Kerkstraat is gerestaureerd. Afgelopen jaar zijn de losse delen van de Aron Hakodesj in houten kratten verpakt en naar Israel verscheept. Daar vormt het als geheel het pronkstuk van het interieur van de Terborg-Sjoel.






