Ter nagedachtenis van de omgekomen Joden uit de Zeeuws-Vlaamse plaats Terneuzen worden voor hun huizen Stolpersteinen geplaatst. Daartoe hebben het CDA en de VVD in de Gemeenteraad het initiatief genomen. Door een aantal ‘struikelstenen’ op één of meer plaatsen in de gemeente te leggen kan Terneuzen op gepaste wijze de Joodse gezinnen herdenken, die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn weggevoerd en nimmer terugkeerden. Dat idee heeft CDA-fractievoorzitter Henk Siersema geopperd. Met zijn voorstel wil hij uitvoering geven aan een afgelopen voorjaar aangenomen motie. De VVD kreeg de steun van alle raadsleden toen ze burgemeester en wethouders opdroeg aandacht te schenken aan een gedenkteken voor door de Duitsers weggevoerde en nimmer teruggekeerde Joden. Of, zoals de motie het verwoordde: “In Terneuzen herinnert niets aan het verdwijnen van de 19 gezinnen. De raad verzoekt het college, eventueel in gezamenlijkheid met onze buurgemeenten Hulst en Sluis, deze gezinnen te herdenken.”
Op andere plaatsen in het land zijn dergelijke kleine koperkleurige stenen in het trottoir al ingebracht. Onder meer in Borne, Sneek, Glanerbrug en Weesp. Het idee voor de struikelstenen (Stolpersteine) komt van de in 1947 geboren Duitse kunstenaar Gunter Demnig. Die metselde in zijn geboortestad Berlijn trottoirtegels voor huizen van mensen die door de nazi’s werden verdreven, gedeporteerd, vermoord of tot zelfmoord gedreven.
In de plaats Terneuzen woonden volgens joodsmonument.nl tien Joodse mensen op drie verschillende adressen, die de oorlog niet hebben overleefd.
