Hoofdkrijgsmachtrabbijn: Zaaien gaat gepaard met verdriet

Bij de herdenking van de laatste deportatie nu 65 jaar geleden, uit Kamp Vught naar Sachsenhausen en Ravensbrück, hield hoofdkrijgsmachtrabbijn Menachem Sebbag een toespraak.
Om te kunnen oogsten moet je zaaien. Herdenken is erkennen dat mijn oogst van vandaag, gisteren door anderen gezaaid is.
Koning David stelt in zijn Psalmen: Psalm 126 vers 5 en 6
Hazorim bedima berina jiktsoroe: Haloch jelech oewacho nose mesjech hazara –
Al zaait een mens met tranen; hij zal oogsten met vreugde. Al gaat hij met droefheid voort met de zaaikorf aan de heup, zingend komt hij van het land met zijn armen vol schoven.
Deze psalm gaat over investeren. Om te kunnen oogsten moet je zaaien.

Zaaien

Zaaien gaat gepaard met verdriet; je bent immers een waardevol product schijnbaar aan het vernietigen, door het in de grond te stoppen. Daarentegen gaat oogsten gepaard met vreugde; niet alleen vanwege de oogst dat je nu in handen hebt, maar ook omdat je, bij het oogsten merkt dat het zaaien niet te vergeefs is geweest, en dat de tranen van toen minder heftig hadden kunnen vloeien.

Oogsten
Oogsten en zaaien in de landbouw volgt dicht op elkaar en vaak is diegenen die zaait en die oogst een en de zelfde.
De Joodse traditie vertelt het verhaal van een oude man die bezig was een johannesbroodboom te planten. Toen hij door omstanders werd gevraagd of hij nog van de vruchten hoopte te kunnen eten, zei hij “het duurt 70 jaar voordat de vruchten gebruiksklaar zullen zijn”. “En waarom sloof je je dan uit?” was de volgende vraag. Hij gaf antwoord als volgt: “Vandaag heb ik nog gegeten van de boom die door mijn grootvader is geplant. Als ik vandaag niet plant waarvan zullen mijn kleinkinderen eten?”
Ook koning David zelf heeft gezaaid. Hij heeft veel moeite gedaan om de tempel weer herbouwd te krijgen. Al zijn moeite mocht niet baten. De klus is door zijn zoon Salomon geklaard. Hij mocht dus niet datgene oogsten wat hij zelf gezaaid had.
Investeren voor de toekomst. Planten, ook voor de toekomst waar wij zelf niet van zullen oogsten. Voor komende generaties, voor onze kleinkinderen, voor het voortbestaan van ons planeet. Dat is waar deze psalm over gaat.
Door de woorden van deze psalm probeert koning David ons duidelijk te maken dat, verleden, heden en toekomst onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Wat in het verleden is geïnvesteerd maakt het heden mogelijk, en alleen door te investeren in het heden, maken wij een toekomst mogelijk.

Vooruit kijken
Herdenken is terugkijken. Maar terugkijken naar de vooruitziende blijk van die, die voor ons kwamen. En dat schept ook de verplichting voor ons om vooruit te kijken.
Herdenken is erkennen dat mijn oogst van vandaag, gisteren door anderen gezaaid is. En dat ik vandaag moet zaaien zodat later een ander ook wat te oogsten heeft. Dat mijn nakomelingen straks, door het oogsten van wat ik gezaaid hebt, door mijn investering te herdenken, begrijpen, dat zij ook voor de toekomst moeten planten.

Wakker schudden
Het is nu de joodse maand Elloel, de maand voorafgaand aan Rosj Hasjanna, het joods nieuw jaar. Wij beginnen ons voor te bereiden op de Hoge Feestdagen. In sjoels, waar dagelijkse diensten zijn, kan men de sjofar (ramshoorn) horen, die ons oproept tot introspectie. Wat deden wij het afgelopen jaar, wat ging er goed en wat ging er verkeerd? Hoe kunnen wij fouten herstellen tegenover onze medemens en tegenover God? Aan het einde van een jaar en aan het begin van een nieuw jaar kijken wij terug en kijken wij tegelijkertijd vooruit. De Talmoed verklaart dat de tonen van de ramshoorn behoren de mens wakker te schudden uit zijn slaap. Wakker worden om ons spirituele kompas te raadplegen. Zijn wij nog op koers of zijn wij verdwaald. De tonen van de ramshoorn, de sjofar, vormen geen mooie symfonie! Geen aangenaam liedje! Alleen een geschreeuw, een gehuil!

Geluiden uit het verleden 
Als wij straks hier de tonen van de sjofar horen dan is dat inderdaad een echo! Van geluiden uit het verleden. Van het geschreeuw en het gehuil van generaties ondergedrukte, van de hongerige van toen en nu! Van moeders die van hun kinderen zijn weggenomen en van kinderen die hun moeders verloren hebben. Het gehuil van baby’s die van de borsten van hun moeders zijn weggerukt…… De hartverscheurende geluiden van 6 en 7 juni 1944 tijdens de kindertransporten. Van deze plek ruim 1300 kleine engeltjes, via Westerbork, via Sobibor terug naar hun Schepper. En tegelijkertijd in de geluiden van de ramshoorn, de oproep naar de mens om te beseffen waartoe hij in staat is…… waarvoor hij moet wakken, hoe laag hij kan vallen, maar ook hoe hoog hij kan klimmen.
Luister naar de stem van de sjofar! Treur om het gehuil, het geschreeuw! Walg van de wreedheid, van de barbaarsheid, van de gruweldaden van toen. Maar geef ook antwoord op het verzoek van de sjofar! Het verzoek om waker te worden om G-d weer opnieuw te zoeken en te leren kennen. Om zo te voorkomen dat dit ooit weer mogelijk kan zijn.

Zwarte bladzijde
Vandaag op deze plaats herdenken wij een zwarte bladzijde in het bestaan van de mensheid, maar tegelijkertijd ook bovenmenselijke krachten in vorm van verzetstrijders en moedige mensen die niet zomaar het gemakkelijkste weg wouden kiezen en op deze plaats het leven hebben verlaten. Mannen en vrouwen die niet alleen het belang van vrijheid, goedheid en Goddelijkheid hebben begrepen, maar die bereid waren om het ultieme daarvoor op te offeren.
Ik sta hier vandaag met een mengelmoes aan gevoelens. Het meest prominent gevoel dat ik hier vandaag heb is het gevoel van verplichting! Verplichting om hun herinnering eer te doen! Door de principes waarvoor zij bereid waren hun levens voor op te offeren of de principes waardoor zij werden gehaat, opgesloten en vele voor vermoord, voort te zetten. Verplichting om niet te vergeten. Verplichting om te waken dat dit nooit meer zal worden herhaald!

Rust in vrede
Ik wil mijn woord afsluiten met een tweetal citaten:
Aan allen die hier vermoord zijn, aan allen die van hieruit naar de dood zijn verstuurd door een wreed en beestachtige apparaat:
“Rust in vrede, slaap in vrede totdat de vertrooster komt die de vrede verkondigt”
En aan al die, die hen hebben moeten missen richt ik de woorden van de profeet Issaia(25:8): “Hij zal de onnatuurlijke dood voor altijd vernietigen, en de Here God zal de tranen van een ieder gelaat wegvegen”

Reacties zijn gesloten.