Opperrabbijn Jacobs sprak bij de herdenking van het kindertransport van Kamp Vught. Rabbijn Spiero uit Haarlem sprak op uitnodiging van de gemeente Bergen (waar Schoorl onder valt) gebeden uit bij de herdenking in kamp Schoorl. Opperrabbijn Jacobs zei bij de herdenking:
Bij de voorbereiding van de woorden die ik hier ook dit jaar weer mag uitspreken op deze heilige plek, kwam het op in mijn gedachte op om niets te zeggen, uitsluitend te zwijgen.
Geen enkel woord kan de moordlustige sadistische gruwelijkheid beschrijven. En ook de koudheid en laksheid van de toeschouwers die het lieten gebeuren is niet te verwoorden. Om maar te zwijgen over het bijna mystieke aantal Joden dat gered zou zijn….. maar nergens te vinden is…
Dat we nu allen beseffen dat dit nooit had mogen gebeuren is fijn.
Dat we nu allen doordrongen zijn van waarden en normen die geen ruimte geven om onderscheid te maken tussen mensen en Übermenschen, is geweldig!
Maar hoe zullen wij ons gedragen in de woestijn? Zijn wij bereid respect voor ieder medemens te tonen, ongeacht ras, geloof of geaardheid, ook als we ons in een woestijn, een geestelijke woestenij bevinden? We zullen zeker niet meedoen, maar … laten we het gebeuren omdat we er toch niets aan zouden kunnen doen?
Ik ben dankbaar dat medewerkers en vrijwilligers van Kamp Vught de waardigheid van deze afschuwelijke plaats van onheil willen bewaren,
als herinnering aan iets dat we eigenlijk zouden moeten willen vergeten.
Er heerste een woestijnklimaat en als gevolg daarvan vergaten de mensen hun geloof in de Allerhoogste, hun respect voor de Tien Geboden… ze vergaten dat ze mensen waren. En juist dat is de reden dat de Tien Geboden in een woestijn zijn gegeven.
De kinderen van het Kindertransport zouden nu bejaard zijn geweest.
Hun zielen begrijpen dat wij het niet kunnen vatten, zij roepen ons toe om te zwijgen, te aanvaarden en niet te willen begrijpen.
