CJO: geen Duitse soldaten-namen op oorlogsmonument

Het gemeentebestuur van Doetinchem geeft gehoor aan de oproep van het Centraal Joods Overleg het oorlogsmonument in het dorp Wehl (gem. Doetinchem) niet uit te breiden met namen van dertig Duitse soldaten. Het CJO protesteerde dat de namen op het oorlogsmonument zouden komen, naast die van vermoorde Joodse inwoners van de plaats Wehl in de Achterhoek. “Hoe het ‘ons’ in de tekst van het monument uit te leggen wanneer de bezetter naast de vermoorde staat; de verzetsman naast de foute burgemeestersvrouw?”, aldus het CJO in een brief aan de burgemeester.

Het CJO zegt met verbazing kennis te hebben genomen van van het voornemen om het oorlogsmonument in Wehl (gemeente Doetinchem) aan te passen door opname van de namen van dertig Duitse militairen die omkwamen bij de gevechten om de bevrijding van Wehl in april 1945.
Het op één hoop vegen van de namen van bezetters en vervolgden, acht het CJO een geschiedkundige vervaging, daar waar verheldering naast gedenken het oogmerk zou moeten zijn. Alhoewel het een kleine plaats betreft, zegt CJO-voorzitter Wim Koster: “Ook al is het een kleine plaats, het zou een nieuwe stap in de verkeerde richting zijn.”

Het CJO noemt de plannen ‘bepaald onwenselijk voor de lokale betekenis van het herdenken van hen die eens onderdeel uitmaakten van de dorpsgemeenschap maar daaruit bruut werden ontrukt’.

Ook het bestuur van de Joodse Gemeente De Achterhoek heeft zich tot de burgemeester van Doetinchem gewend en bepleit de namen van de Duitse soldaten niet aan de monument-tekst toe te voegen.

Volgens de gemeente lag het voorstel van de oudheidkundige vereniging Wehl om ook namen van dertig Duitse gevallenen op het monument te zetten, erg gevoelig in de samenleving. Tegenover De Gelderlander haalde burgemeester Kaiser de woorden van het CJO aan: “Het samenbrengen van de namen van slachtoffers en de bezettende macht is onhandig, kwetsend, en historisch vervagend.”
De vereniging daarentegen was van inzicht dat er – in ieder geval in Wehl zelf – groot draagvlak zou zijn voor de toevoeging.

Op het monument staan de woorden: “Ter eerbiedige nagedachtenis aan hen die ons door den oorlog 1940:1945 ontvielen.” Daaronder volgt een aantal namen, waaronder die van drie Joodse inwoners van Wehl: Betje, Roosje en Levie Slösser.

Hoe het ‘ons’ in de tekst van het monument uit te leggen wanneer de bezetter naast de vermoorde staat; de verzetsman naast de foute burgemeestersvrouw?

De eerste Schlösser (wat later Slösser en Slosser zou worden) vestigde zich midden negentiende eeuw in Doetinchem, nazaten waren tot 1940 steeds daar te vinden en in de regio: Zelhem, Wehl, Ahaus. De Slössers zijn niet verongelukt, of in de strijd gedood, maar vanuit Wehl weggevoerd.

Duitsers van nu zijn niet de Duitsers van toen. Het is dan ook begrijpelijk dat in Wehl dat nota bene zo dicht bij de Duitse grens ligt de Duitse jumelage-gemeente Raesfeld bij de herdenking wordt uitgenodigd. Want de haat is niet door landsgrenzen beperkt; Duitse vluchtelingen die voor mei 1940 in Nederland een veilige haven hoopten te hebben bereikt, waren ook hier niet veilig. Net zo min als de Nederlandse Joden. Dit is in breder verband een belangrijke les ook heden ten dage.

Lees, kijk en luister HIER naar reacties op Omroep Gelderland, van onder meer Berendsen (Oudheidkundige Vereniging), Blom (NIG De Achterhoek), Van Gelder (NIG Aalten).

Reacties zijn gesloten.