EAJG-voorlieden bestreden het standpunt van rabbijn Evers. Hoe kan hij menen dat Harry van Bommel van de SP er verstandig aan zou doen niet aanwezig te zijn bij de Auschwitzherdenking. Rabbijn Evers reageert op hun ‘fouten en valse suggesties’. De opvatting die Hajo Meyer (voorman van Een Ander Joods Geluid) en Peter Cohen hebben over de SP-er Van Bommel en de Auschwitz-herdenking, deugt van geen kant. Hij is fout tot op het bot. Ik som de fouten en valse suggesties op.
Proportioneel
De reden dat ik mijn stem verhief tegen de komst van Van Bommel naar de
Auschwitz-herdenking, was niet omdat hij bij een demonstratie was waar kritiek werd uitgeoefend op Israel. Er is niets mis met gerechtvaardigde kritiek, vooral wanneer die proportioneel over de brandhaarden en conflicten in de wereld wordt verdeeld. Mijn kritiek richtte zich er op dat Van Bommel zich liet aanleunen hoe er Hamas, Hamas Joden aan het gas, werd geroepen; hoe het Dood aan de Joden in het Arabisch over de straatstenen rolde; hoe de herinnering aan Anne Frank werd besmeurd; en hoe Van Bommel zelf opriep tot intifada, later afgezwakt, maar verder zweeg, zweeg en zweeg.
Ridicuul
Iedere alinea begint met een aanname, op grond waarvan ik zou vinden dat Van Bommel beter weg zou kunnen blijven. Een aanname die op niets is gebaseerd en even ridicuul is als wanneer ik zou stellen dat Meyers ingezonden brief is gestuurd omdat de dokter hem heeft voorgeschreven dagelijks een wandelingetje af te leggen, zo lang als van zijn huis naar de brievenbus. Meijer neemt mijn stellingname louter als kapstok om zijn eigen stokpaardjes te berijden, zoals dat vele joodse Nederlanders er van overtuigd zijn dat kritiek op Israel te leveren min of meer het zelfde is als antisemitisme. Waar haalt hij die conclusie vandaan?
Kritische niet-joden
Een volstrekt ongerijmde redenering hanteren Meyer en Cohen wanneer zij
opmerken dat Joden geen speciaal recht hebben op het organiseren van de
Auschwitz-herdenking omdat het de kritische niet-Joden waren die vele Joodse
levens hebben gered. Ik heb die claim ook niet geuit. Waar halen Meyer en Cohen dit argument, de Auschwitzherdenking is geen overwegend joodse herdenking omdat niet-joden vele joodse levens hebben gered, vandaan. Maar nu zij dit zo stellen: men mag toch menen dat de herdenking de slachtoffers van Auschwitz herdenkt. Dat waren in overwegende mate Joden; zij worden in het herdenkingsgebed Jizkor genoemd. Meyer en Cohen, zelf joden, proberen het joodse element van de herdenking er af te poetsen.
Laat mij Elie Wiesel citeren:
It was mans inhumanity to man. NO! It was mans inhumanity to Jews! Jews were not killed because they were human beings. In the eyes of the killers they were not human beings! They were Jews!
It is because they were Jews that it was so easy for the killers to kill!
Oorspronkelijke bewoners
Een laatste punt: Cohen en Meyer benoemen de Palestijnen als de oorspronkelijke bewoners van het gebied dat Israel nu beheerst. Het is een onjuistheid en een ontkenning in één zin. De Palestijnen van nu zij niet de oorspronkelijke bewoners, en, Israel beheerst niet, Israel regeert als een souvereine staat.
