NOS-correspondent Sander van Hoorn ervaart zelf wat het betekent binnen schootsafstand van Gaza te verblijven. Terwijl hij de Nederlandse kinderarts Liesbeth Luurs interviewt, gaat het luchtalarm af en heeft hij 15 seconden om de gepantserde schuilplaats in het ziekenhuis te bereiken. Dokter Luurs onderbreekt het vraaggesprek en leidt kinderen en hun ouders voor de zoveelste keer door het luchtalarm. De raket slaat vlak bij het ziekenhuis in. Kijk HIER naar de reportage in het NOS-Journaal, vanaf 06.25 minuten. Liesbeth Luurs woont meer dan vijftien jaar in Israel, en is afkomstig uit Amsterdam. Ze werkt als kinderarts in het zuiden van Israel waar zij kinderen van alle gezindten en bevolkingsgroepen behandelt, waaronder Arabische en bedoeienen-kinderen. Kinderen die “acht jaar lang als schietschijf dienst doen”.
Na de benauwde gebeurtenis zet Van Hoorn uiteen dat de voortdurende raketbeschietingen de reden is dat Israel niet langer stil kan blijven zitten. Luurs heeft dan al aangegeven dat er 5.000 raketten en 2.500 mortieren uit Gaza op het Israelische grondgebied neer waren gedaald. Op de vraag waarom Gaza geen schuilkelders heeft, antwoordt dokter Luurs dat er Europees geld aan Gaza is gegeven voor schuilkelders, voor pianolessen, voor viool, maar dat het anders is aangewend … .
“Ze kiepen ‘m op het ziekenhuis. Dat is wat ze willen: zoveel mogelijk slachtoffers”, vertelt de Nederlandse kinderarts Liesbeth Luurs aan NOS-correspondent Sander van Hoorn. Ze woont en werkt in het Israëlische kustplaats Ashkelon, ten noorden van de Gazastrook. Zo’n zeven keer per dag moet ze met haar patiënten de schuilkelder in.
“Dan ben ik net bezig om een infuus aan te leggen – ik ben door de huid heen en wil het bloedvat in – en daar begint het alarm weer. Wat doe je dan? Ga je het infuus afmaken? Of trek je de naald er weer uit, pak je het kind op en ren je naar beneden? En je hebt maar tien seconden om weg te rennen, want die raketten vallen zo snel.”
