Verontrusting en teleurstelling over Latijnse Goede Vrijdag-tekst

Een nieuwe Latijnse versie voor een Katholiek gebed voor Goede Vrijdag is binnen het Jodendom met teleurstelling ontvangen. De paus heeft eerder ruimte gegeven voor herinvoering van de zgn. Tridentijnse ritus en de verwachting was dat de aanpassing er van goed zou ‘uitpakken’ voor het Jodendom. In de uiteindelijke gebedstekst die de paus heeft laten vervaardigen, wordt toch nog weer gebeden voor de redding van de Joden.

Verlossing
In het nieuwe gebed wordt gebeden voor de redding van Israël. Dit impliceert dat de katholieke visie dat het volledige heil alleen te vinden is in Christus en zijn Kerk, i.c. het Christendom. Toch zijn er ook andere stromingen in de Katholieke Kerk. Die gaan er bijvoorbeeld van uit dat de verlossing weliswaar alleen is te bereiken door geloof in Jezus maar dat voor de Joden ook verlossing bestaat.

Enkele parochies
De paus verleende vorig jaar algehele toestemming om de zogeheten Tridentijnse (Latijnse) Mis toe te passen. In Nederland zouden er slechts enkele parochies zijn die de ‘oude Mis’ aanbieden en dus gebruik zouden kunnen gaan maken van een tekst waarin over de redding van de Joden wordt gebeden. Met die passage is volgens Joodse opvattingen een deel van de denigrerende termen verwijderd, maar de kern van het gebed is niet veranderd. Er is echter wel verontrusting en teleurstelling dat het kader en de intentie – God te smeken dat Joden, Jezus als Heer erkennen – intact is gebeleven.
Voor Joden grievende passages in het Goede Vrijdaggebed in het ‘oude missaal’ van 1962 zijn geschrapt. Niet langer wordt gebeden het Joodse volk ‘aan hun duisternis te onttrekken’ en zijn ‘verblindheid’ te beëindigen.

Nederlandse bisschoppen
Bisschop Van Luijn spreekt tijdens een ontmoeting van bisschoppen en rabbijnen in de Ma'amad van de Portugese synagoge, op de Dag van het Jodendom, 17 januari 2008. Jaap van der Meij, uiterst rechts op de foto, voorzitter Kath. Raad voor Israel, luistert aandachtig toe. Links: de bisschoppen Punt en De Korte.Jaap van der Meij, voorzitter van de Katholieke Raad voor Israel, een adviesorgaan aan de Nederlandse bisschoppen, noemt de tekst ‘heel teleurstellend’. In een gesprek met een NIK-delegatie, dat plaatsvond onmiddellijk na de publicatie van de gebedstekst, heeft hij de achtergrond van de totstandkoming er van toegelicht.
Van der Meij noemt de gebedstekst een concessie aan een kleine zeer conservatieve groep en zeker niet de norm van de Katholieke kerk. In Nederland verwacht hij dat de Latijnse tekst vrijwel geen ingang zal vinden.

Flinke stap terug
De Romeinse opperrabbijn Di Segni noemde de tekst een ‘flinke stap terug’ en ‘een wezenlijk obstakel” voor de relaties tussen katholieken en joden. Di Segni gaat zover door te stellen dat de vooruitgang die de laatste decennia in die verhouding werd geboekt, nu op de helling is komen te staan.
Een belangrijke Joodse leider in de Joods-Christelijke dialoog, rabbijn David Rosen uitte zijn teleurstelling door het gebed te kwalificeren als een ‘achteruitgang’. “Het is tamelijk duidelijk dat er geen volheid van redding buiten de Kerk bestaat”, zei hij na lezing van het gebed.

Lees ook: Kerk past Latijns gebed aan ten gunste van het Jodendom.

Reacties zijn gesloten.