Ongeveer 300 mensen hebben de demonstratie bijgewoond voor de vrijlating van Israelische gegijzelde soldaten. De aanwezigen luisterden naar toespraken van Jair Even, diplomaat van de Israelische ambassade, NIK-secretaris Ruben Vis en LJG-rabbijn David Lilienthal. “Wij kijken niet toe, wij blijven niet zwijgen,”zei Ruben Vis. “Israels vermisten zijn onze vermisten.”
De bijeenkomst was georganiseerd door Bne Akiwa, Cijo en Haboniem. Onder de aanwezigen waren er ook uit Duitsland.
Een petitie ging rond op particulier initiatief van mevrouw Imhof, die ook uitlegde waarom zij tot haar initiatief was gekomen. De eerste honderden handtekeningen had zij al aan de ouders van de gegijzelden en aan premier Olmert toegestuurd, waarop zij van beide kanten waarderende reacties heeft gekregen. Ook vertelde zij dat de foto’s van de gegijzelden in het kantoor van de minister-president hangen, en daar blijven hangen – ongeacht de politieke kleur van de premier – tot hun terugkeer verzekerd is.
De Israelische diplomaat Yair Even benadrukte dat onder internationaal recht het een verplichting is het leven van vijandelijke soldaten te garanderen en over hun toestand te rapporteren. Onze vijanden zijn verplicht hetzelfde te doen. Maar zij voldoen daar op geen enkele wijze aan. Op basis van de Joodse traditie zijn wij jegens onze broeders en zusters die gevangen zijn, verplicht geen dag te rusten en geen moeite te sparen om uit te vinden wat er is gebeurd met hen en hun veilige terugkeer te eisen. Totdat zij allemaal thuis zijn gebracht. Lees HIER verder zijn speech in het Engels.
En hieronder de speech van Ruben Vis.
Zonen zullen terugkeren naar hun landsgrens – wesjawoe baniem ligwoelam
Ruben Vis
Wanneer wij hier staan, op het Jonas Daniel Meijerplein, het hart van de oude Jodenbuurt, tussen de twee synagogencomplexen, en aandacht vragen voor Eldad, Ehud, en Gilad, dan sta ik in gedachten weer in het portiek van een klein flatgebouw. Ergens in Jeroesjalajiem, de hoofdstad van het joodse volk.
Tegenover mij, in het portaal van zijn huisdeur, staat een oudere man. Bij het verlaten van zijn appartement, valt mijn oog op een grote muurschildering. Ik zie een afbeelding van het Israëlische landschap, en daarbij gevoegd de woorden: wesjawoe baniem ligwoelam. Hetgeen betekent: zonen zullen terugkeren naar hun landsgrens.
Iedere keer wanneer die vader van een vermiste Israelische soldaat zijn huis verliet, en op weg ging, werd hij gesterkt door de woorden van deze profetie, van deze voorspelling dat zonen, zijn zoon!, ooit terug zou keren naar hun gebied.
Nog geen opmaat
Maar de terugkeer van drie gegijzelde soldaten, kan nog lang op zich laten wachten. Het zijn de woorden van de Israëlische premier Ehoed Olmert, een week of twee geleden, in een radiotoespraak. Het Israelische leger en Hezbollah hebben bij de Israëlisch-Libanese grens drie stoffelijke overschotten en een gevangene uitgewisseld. Israel kreeg ook informatie over Ron Arad die in 1986 gevangen werd genomen. Het is kennelijk nog geen opmaat voor de vrijlating van de reservisten Goldwasser en Regev en de dienstplichtige Gilad Shalit.
Wrede fanatici
Hamas heeft de wereld laten zien met welk geweld het aan de macht is gekomen in Gaza. Het leven van Gilad Shalit ligt in handen van deze wrede fanatici.
Regev en Goldwasser patrouilleerden langs de Libanese grens, op Israelisch grondgebied. Waarom wordt de grens van Israel betwist? Niet eens aangevallen door het buurland, maar door een stelletje gevaarlijke fanatici, die het recht op geweld ontlenen aan hun geloof. Een dergelijk handelen kan de wereld niet aanvaarden. Wij komen hier tegen in het geweer!
Het toont eens te meer aan dat Israels soevereiniteit, ogenschijnlijk onbetwist, toch niet wordt aanvaard door het terroristentuig dat zich meester heeft gemaakt van de op papier net zo soevereine staat Libanon.
Niet alleen met de mond beleden
Pidjon Sjevoe’iem, het vrij krijgen van onterechte gevangenen, is een mitswa, een belangrijke Joodse waarde. Deze plicht wordt niet alleen met de mond beleden. Hier, in deze reusachtige Portugese synagoge bestaat als oud gebruik geld te doneren voor Cautivos – voor onterechte gevangenen. Wij zetten ons in voor de bevrijding van deze 3 jonge soldaten.
Iedere moeder
Israel moet het gevecht aangaan, voor een onomstotelijk vastgestelde grens. De internationaal erkende scheidslijn, een grens die iedere burger wil verdedigen en waarvoor iedere moeder bereid is haar zoon naar het front te sturen. Onze aartsmoeder Rachel weent om het in gevangenschap wegvoeren haar kinderen. Maar eens en dat is onze hoop en vurige wens, keren de kinderen terug.
De wereld kijkt toe of erger nog: wendt de blik af. Wij niet. Wij kijken niet toe, wij blijven niet zwijgen. Het is indrukwekkend te beseffen dat wij hier staan. Net als onze vrienden in tientallen verschillende plaatsen over de hele wereld. Israels soldaten zijn onze soldaten, Israels vermisten zijn onze vermisten. Wij leven mee met ouders en families van Israels zonen en hopen vurig dat zij terugkeren. Zoals het woord van de navie luidt: wesjawoe baniem ligewoelam.
Van de aardbodem verdwenen
Ron Arad, Zachary Baumel, Zwi Feldman, Jehoeda Katz, gegijzeld in de jaren tachtig, Guy Hever, en dan nu: Goldwasser, Regev, Gilad Shalit. Zij lijken van de aardbodem verdwenen. Maar dat zijn zij niet. Niet voor ons.
Wij dragen hen in onze harten. Wij dragen onze gebeden op voor hun vrijlating, voor hun terugkeer, voor een teken van leven en hoop.
Nog zijn zij niet verloren. Nog is onze hoop niet verdwenen – Od lo avda tikwatenoe.
