Rabbijn R. Evers toont zich ernstig bezorgd over de buitenproportionaliteit waarmee de gijzeling van een Israelische soldaat wordt benaderd. Mag Israel zich niet inzetten voor haar veiligheid en de veilige terugkeer van een gegijzelde korporaal, en voor de andere twee, aan de Libanese grens gegijzelde soldaten?
Onlangs toonde dagblad Trouw (11/07) een spotprent waar het zwaarbewapende Israelische leger een Arabische vrouw met kind ernstig bedreigt met: ”We willen alleen onze korporaal terug.”
De inval in Gaza – nog maar kort geleden heeft Israël vrijwillig dit broeinest ontruimd – heeft tot scherpe internationale kritiek geleid. Het zelfde geldt voor de Israelische acties na de gijzeling van twee militairen aan de Libanese grens. Hoewel Israël in één jaar door 687 Qassam-raketten werd getroffen, er Israëli’s zijn gedood en gekidnapt, rechtvaardigt dit allemaal kennelijk geen Israëlische tegenactie. Binnen de kortste keren is het buitenproportioneel. Eén Israëlische krijgsgevangene moet geruild worden tegen duizend Palestijnen.
Niet geprotesteerd
Kassam-bombardementen, de gijzeling van de Israëlische soldaat of de moord op een Israëlische burger uit Itamar, het zijn gebeurtenissen die diep ingrijpen. Is het antisemitisme in de Arabische wereld hier mede debet aan? Het antisemitisme in vele Middenoosterse staten is meestal staats-antisemitisme. Arabische leiders die hun bevolking geen welvaart kunnen bieden, zoeken een zondebok. Joden zijn de schuld van alles wat er mis gaat in de wereld. Joods kannibalisme en de gids voor de islamitische opvoeding dragen hun steentje bij.
Weinig mededogen
Maar wat is de christelijke reactie? Vanuit het Westen, dat voornamelijk christelijk is, bestaat er te weinig mededogen voor de onmogelijke situatie waarin Israël zich bevindt. Dit is ook logisch. Westerse gelovigen hebben ook geen mededogen met zichzelf. Ik hoor vrijwel nooit enige kritiek op het kerkverbod in Arabische dictaturen. Dus bestaat er ook weinig begrip voor Israëls klemsituatie.
De andere wang
Wat is de Westerse reactie hierop? Deze wordt ingegeven door een typisch christelijke houding:`Slaat u mij op de ene wang, dan keer ik u mijn andere wang toe’. Hebben wij geen recht op zelfverdediging? In de loop der eeuwen heeft het joodse volk de gemeenschap der volkeren belangrijke waarden bijgebracht. Wij hebben niet het recht ons fysieke bestaan, dat het substraat vormt van het uitdragen en praktiseren van de idealen van de Tora (Bijbel), in de waagschaal te stellen. Het zou duiden op identiteitszwakte en ongeloof aan de eigen roeping om een ‘licht voor de volkeren’ te zijn.
Serieus nemen
Ons voortbestaan achten wij van wezenlijk belang. De jood staat positief tegenover zijn medemens maar bemint evenzeer zijn eigen volk en land. Om die reden moeten wij onze politieke vijanden serieus nemen. De geschiedenis heeft ons geleerd om bedreiging en agressie niet te onderschatten. Oorspronkelijk ging het christendom hieraan te gemakkelijk voorbij omdat het geen politieke en sociale dimensie kende en slechts oog had voor de individuele moraal. De parabel van de barmhartige Samaritaan was slechts één van de vele pogingen de beperking van de joodse moraal aan de kaak te stellen en de superioriteit van de christelijke moraal te demonstreren.
Grootste morele probleem
De stichter van het christendom illustreerde zijn parabel met opzet met een Samaritaan omdat hij een nieuwe – utopische – dimensie wilde toevoegen aan de toepassing van het gebod ‘Heb uw naaste lief gelijk uzelf’. De Samaritanen waren in zijn tijd de politieke vijanden van het joodse volk. Van de toenmalige joodse bevolking te verwachten, dat zij een onvoorwaardelijke liefde zouden koesteren voor hun tegenstanders zou gelijkstaan met een poging moderne Israëli’s voor te houden, dat hun grootste morele probleem zou schuilen in hun problemen met de Arabische buurlanden. Het propageren van een ongebreidelde verdraagzaamheid tegenover naburige volkeren, die in woord en daad uit zijn op vernietiging van de joodse populatie in en buiten Israël, zou getuigen van weinig gevoeligheid voor de bezorgdheid om nationaal en religieus zelfbehoud van het joodse volk. Dit zou voor ons gelijkstaan met politieke zelfmoord.
Niet de persoon
Geen natie blijft echter voor eeuwig het stigma van politieke vijand dragen. De Tora leert ons slechte daden en intenties te veroordelen maar niet de persoon.
Het jodendom is in de substitutieleer overgenomen door het christendom. In het jodendom staat het getal zeven centraal (de Sjabbat), in het christendom het getal acht (de zondag). Dit is symbolisch voor een christelijke houding. Acht is het getal van het bovennatuurlijke. Het bovennatuurlijke is helaas nog geen realiteit. Vandaar dat we dreigingen nog steeds serieus moeten nemen.
