Zo’n tien procent van de Nederlanders houdt er racistische opvattingen op na. Dat blijkt uit een onderzoek van Motivaction voor de GPD-dagbladen. Tegelijkertijd blijkt dat Marokkaanse jongeren ’actiebereid’ zijn ter verdediging van hun geloof. Een ruime meerderheid gebruikt daarbij legale middelen, terwijl ongeveer 6 tot 7 procent bereid is hun toevlucht te zoeken in geweld.
Dit blijkt uit een onderzoek van IMES in opdracht van de minister van Integratiezaken. Volgens de onderzoekers is er een greoot gevoel van achterstelling, dat leeft bij radicale moslims maar ook breed bij niet-radicale islamieten, in het onderzoek aangeduid als ’democratisch actieve moslims’. Deze laatste groep heeft een sterke wens om in Nederland een toekomst op te bouwen, de radicalen zien hier geen perspectief.
Drijfveren
In het onderzoeksrapport worden drie drijfveren voor radicalisering genoemd. Moslimjongeren radicaliseren in de eerste plaats als gevolg van buitensluiting en discriminatie. In de tweede plaats speelt de behoefte aan zingeving een belangrijke rol. Deze zoektocht wordt religieus ingevuld. Tot slot is er een gebrek aan binding. De jongeren voelen zich onbegrepen door de Nederlandse samenleving en hun ouders van de eerste generatie.
Motivaction concludeerde dat 10% van de bevolking zichzelf racist noemt en ruim een kwart zeer negatief is over allochtonen. De helft van de Nederlanders zou bang zijn voor de invloed van moslims in de samenleving.
Meer dan de helft disriminatie-ervaring
Iets meer dan de helft van de voor een Monitor Rassendiscriminatie gepleegd onderzoek gevraagde Marokkanen en bijna de helft van de Turken zegt het afgelopen jaar een keer of vaker te zijn geconfronteerd met discriminatie. Het onderzoek is voor het eerst uitgevoerd. Ook Surinamers (40 procent) en Antillianen (37 procent) hebben er veel mee te maken. Ongeveer 2 procent van de autochtonen zegt op een discriminerende manier te zijn bejegend door allochtonen. Rassendiscriminatie is in Nederland een omvangrijk, maar vrijwel onzichtbaar probleem. Honderdduizenden allochtonen en ook autochtonen hebben er vermoedelijk mee te maken. Maar slechts een klein deel van hen meldt dit bij een instantie. Jaarlijks zijn er enkele duizenden gewelddadige racistische incidenten. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van het ministerie van Justitie onder bijna 1700 allochtone en autochtone Nederlanders.
Honderduizenden incidenten
De onderzoekers constateren voorzichtig dat mogelijk 400.000 tot 475.000 allochtonen en 100.000 tot 300.000 autochtonen het afgelopen jaar in het dagelijks leven te maken hebben gehad met discriminatie op grond van hun land van herkomst, geloof of huidskleur. Dat gebeurde op veel plaatsen maar vooral op de arbeidsmarkt en in het onderwijs. Een kwart van de werkgevers zegt op basis van negatieve beeldvorming bij voorkeur geen of helemaal geen allochtonen aan te willen nemen.
Minder dan tien procent doet hier van een melding bij een discriminatiebureau of de politie. De meeste mensen melden discriminatie niet, omdat ze denken dat dat toch niet helpt. Ook willen velen er gewoon geen aandacht aan besteden.
