Rosj Pina betrok een gloednieuw schoolgebouw, de Torarollen werden binnengebracht in de kindersjoel en een boekje over de school, en vooral over de identiteit er van, werd gepresenteerd.
Alle ruim 200 kinderen waren getooid in witte t-shirts met in lichtblauw er op Rosj Pina, en daaronder een blauwe broek of rok.
Daarmee wachtten zij het binnenbrengen van de Torarol op en voerden zij stukjes op die betrekking hebben op Chanoeka, het inwijdingsfeest dat op de joodse kalender nadert.
Gloednieuw
Zo vierde Rosj Pina dat het na veel tegenslagen een prachtig, ruim en gloednieuw pand heeft betrokken. 
Terwijl het schoolbestuur onder leiding van toenmalig voorzitter Bram Haas eerst beoogde een beetje bij te bouwen en te vernieuwen, moesten die bouwactivitreiten stil worden gelegd na de vondst van asbest. Een beetje bijbouwen was onmogelijk geworden. Het hele gebouw moest tegen de vlakte en de plannen van het bestuur, inmiddels voorgezeten door Benno Friedberg, veranderden door de omstandigheden gedwongen in de bouw van een nieuwe school.
Na nieuwe tegenslagen, waaronder opnieuw asbest, en tegelijkertijd jarenlange huisvesting in noodgebouwen, betrok de Joodse basisschool een nieuw pand op de oorspronkelijke locatie. Het huidige bestuur, met Zvi Markuszower aan de leiding, zette uiteindelijk een schoolgebouw neer met ruime lokalen, gymzalen, een sjoel, keukenvoorzieningen en een kinder- en naschoolse opvang.
Hoopvol
Tegelijkertijd met de officiële opnening werd een boekje uitgegeven, onder het motto: Rosj Pina, gewoon en toch bijzonder (isbn 90-809371-1-8). Daarin wordt in kort bestek de geschiedenis van het Joods onderwijs in Nederland verteld. Oud-leerlingen zetten hun herinnering aan de school uiteen. Maar het is geen gewoon terugblik-album geworden.
Dat blijkt al uit de slotzinnen van het voorwoord dat burgemeester Job Cohen schrijft: “Het is een hoopvol teken dat ondanks alle strubbelingen in Amsterdam door JBO een nieuwe joodse school gebouwd is, waarbinnen Nederlandse joden hun dubbele identiteit in een vanzelfsprekende combinatie en balans weten te ontwikkelen.”
De specifiek Amsterdamse strubbelingen lijken te duiden op druk ten aanzien van de plaats die de Joodse minderheid in de hoofdstad inneemt. Zijn het terechte woorden? De burgemeester schetst die strubbelingen als zodanig dat hij het nodig heeft geacht het hoopvol te noemen dat de Joodse gemeenschap er – toch – voor kiest hier een nieuwe school neer te zetten.
Twee opvallende rode draden
Er lopen verder twee opvallende, rode, draden door het boek. Waarom het goed is dat er dergelijk bijzonder onderwijs bestaat, dat alleen bestemd is voor Joodse kinderen. Een vraag die actueel is, nu de discussie op gang is gebracht of bijzonder onderwijs nog wel op gelijke voet met het openbaar onderwijs moet worden aanvaard, en de vraag of een bijzondere school alleen open mag staan voor één doelgroep: Joodse kinderen.
En waarom bij de bepaling van wat ‘Joodse kinderen’ inhoudt, de definitie van het rabbinaat van het NIK wordt gehanteerd. Kennelijk voelt het schoolbestuur de behoefte (of noodzaak?) daarover helderheid te verschaffen.
De keuze voor de auteurs Tamarah Benima, Clary Rooda en Manja Ressler en eindredactrice Karen Waterman, die geen van allen tot de traditionele hoek van het Jodendom behoren, zal ook ongetwijfeld in de hand hebben gewerkt dat de toon van het boekwerkje er een is waarin het bestuursbeleid wordt verantwoord. De huidige bestuursvoorzitter Zvi Markuszower – hijzelf, zijn kinderen, en nu zijn kleinkinderen, bevolk(t)en Rosj Pina – komt er over aan het woord.
Gesteund
Hij wordt met betrekking tot de signatuur van de school gesteund door diverse oudleerlingen, door oudbestuursvoorzitter Uri Coronel, en de kort voor de opening vertrokken (niet-joodse) schooldirecteur Marga van Ree. Opvallend is ook dat diverse geinterviewden juist opmerken dat de kwaliteit van identiteitsgebonden vakken als Jodendom en Hebreeuws, zich goed heeft ontwikkeld of dat aan de verbetering daarvan zo veel aandacht wordt besteed. Juist die onderdelen, maken de betekenis van de bijzondere Joodse school waar.
