CJO start stationscampagne – NS biedt excuses aan voor deportaties

Centraal Joods Overleg presenteert stationsposters ter bewustwording van de HolocaustIn het kader van het 60-ste Bevrijdingsjaar organiseert het Centraal Joods Overleg (CJO) in nauwe samenwerking met NS een postercampagne. De NS erkent hiermee de eigen moeizame rol in de Tweede Wereldoorlog. President-directeur Aad Veenman heeft voor de medewerking aan de deportaties van de Joden ‘oprechte verontschuldigingen’ aangeboden.
vanaf 29 september tot en met 16 oktober 2005 hingen op bijna 70 NS-stations posters die herinneren aan deportaties van Joden en anderen per trein.

De bedoeling van de campagne is de stationsbezoeker bewust te maken dat waar men nu per trein van A naar B reist, de trein in de Tweede Wereldoorlog werd ingezet voor het vervoer van Joden en anderen naar doorgangs- en concentratiekampen, zoals kamp Westerbork en vervolgens Auschwitz en Sobibor. Per trein werden zo’n 100.000 Joden, temidden van de verdere samenleving, weggevoerd uit het dagelijks leven, en op transport gesteld naar vernietigingskampen.
Het oogmerk van dit initiatief is bewustwording van de treinreiziger dat zoiets alledaags als een trein, ook voor geheel andere doeleinden heeft gefunctioneerd, waarbij de reiziger tegen zijn wil naar een niet zelf gekozen bestemming werd vervoerd, in onzekerheid over wat hem en zijn reisgenoten daar te wachten zou staan.
“Duidelijk maken aan diegenen die vandaag de trein nemen, dat er toen een groep Nederlanders de trein nam, onvrijwillig, naar een onheilspellende bestemming, vervuld van angst en onzekerheid. In het heden duidelijk maken wat zich destijds heeft afgespeeld,” aldus CJO-secretaris Ruben Vis in een toespraak bij de presentatie van de posters op 29 september.
De onthullingshandeling van de eerste twee posters werd uitgevoerd door NS-president-commissaris Aad Veenman en CJO-voorzitter David Cohen Paraira.
De campagne is gericht op het algemene, niet-Joodse publiek. Joodse organisaties en organisaties van vervolgingsslachtoffers, alsmede organisaties die herdenkingsplaatsen beheren, en herdenkingscomité’s zijn door het CJO medio augustus – dus zo’n zes weken voor dat de campagne van start is gegaan – over het initiatief geïnformeerd.

Gedwongen
President-directeur Aad Veenman zei bij de presentatie van de posters op station Muiderpoort in Amsterdam dat de NS werd gedwongen de opdracht van de Duitse autoriteit op te volgen en haar medewerking verlenen aan het transport van joden, zigeuners, zoals de Sinti- en Roma-volken, … . Veenman merkte ook op dat de Duitse opdracht wel met tegenzin door NS-ers werd uitgevoerd en, zo memoreerde hij, het waren spoorwegmensen die uit de trein geworpen laatste briefjes postten waardoor deze bij de achtergebleven geadresseerden aankwamen.
Veenman verdedigde in zijn toespraak de handelwijze van de toenmalige Spoorwegen door onder meer te verwijzen naar instructies van generaal Winkelman en de Nederlandse regering in Londen, om uiteindelijk toch, ‘uit de grond van zijn hart en in alle bescheidenheid’, zich te verontschuldigen voor dat gedrag.

Onverschilligheid
Het CJO wil de aandacht vragen voor de Sjoa [vernietiging van de Joden], en het unieke karakter ervan, en tegelijkertijd wijzen op de blijvende noodzaak van alertheid en vasthoudendheid in het bestrijden van haat en onverdraagzaamheid, ook in onze huidige samenleving.
Volgens Ruben Vis maakte de onverschilligheid van veel Nederlanders het mogelijk dat nazi’s mensen konden deporteren. De posters moeten volgens Vis ‘vooral oproepen tot overdenking’.
“Omdat de trein gezien wordt als iets gewoons in het dagelijks leven willen wij laten zien dat bij een onverschillige houding tegen racisme, de trein kan veranderen in iets heel monsterlijks.”

Geen detaillering
Bij de opening van de postercampagne zei Vis: “Een poster als deze leent zich niet voor detaillering. En toch willen wij een boodschap overbrengen, over een alledaags gebeuren – reizen per trein, dat plotseling zo onalledaags blijkt te zijn.
Het CJO heeft gezocht naar een weg om het opnieuw opkomend antisemitisme aan de kaak te stellen, en om een bewustwording te bewerkstelligen van de onverschilligheid die destijds leidde tot de mogelijkheid dat nazisme eindigde in het transporteren van de Nederlandse Joden. En om daarnaast te benadrukken dat een dergelijke onverschilligheid niet alleen een gevaar is voor Joden maar voor allen.” 

Oceaanbodem
Het CJO wil dat op stations ook jongeren worden bereikt, juist nu blijkt dat educatie over de Sjoa op meerdere scholen moeilijk is geworden.
Elf dagen lang wordt de reiziger bewust gemaakt van de rol die de trein speelde bij de jodendeportatie. Vis: ‘We willen, in de korte tijd dat de reiziger op het station is, die tragische periode op het netvlies brengen. Met name jongeren willen we bewustmaken.’
Enkele reacties op deze posters zijn op internetfora te vinden.
“De NS zwicht zonder reden voor de joden die hier niet thuis horen.”
“Zij horen op de oceaanbodem met een blok beton.”
“Gratis openbaar vervoer, nog durven klagen. Wanneer ze hadden moeten lopen was het ook niet goed.”
“We weten wie er nu gedeporteerd moeten worden – de moslims.”

Afwerend gebaar
Daarop zei Vis: “Wie ziet wat aandacht voor de herinnering aan de Holocaust oproept, moet vaststellen dat in de hoofden en harten van zeer velen er geen ruimte hier voor is, er sprake is van afwijzing, een afwerend gebaar.
En toch moet die herinnering levend worden gehouden. De zojuist geschetste houding van velen vraagt om het op zeer kernachtige en nadrukkelijke wijze communiceren van de boodschap.
De Holocaust wordt gebagatelliseerd, getrivialiseerd, afgewezen. Wie deze posters ziet, mag de vraag stellen: hoe is het mogelijk dat anno 2003, 2004 of 2005 vast moet worden gesteld dat de ontkenning van de Holocaust ‘g-e-r-e-g-e-l-d’ voor komt.”

Erkenning van hun eigen historische rol
Voor de NS is de campagne, aldus NS-woordvoerder Michel Hueber, ‘een mooie aanleiding om actief stil te staan bij de rol die wij in de oorlog hebben gespeeld’.
CJO-secretaris Ruben Vis: ”Wij wilden aandacht van de NS voor het feit dat joden met de trein werden gedeporteerd. Daar gingen de NS op in. Dat vinden we goed, we beschouwen het als erkenning van hun eigen historische rol.”
Hueber: ‘Wij willen stilstaan bij onze niet zo fraaie rol toen.’ De NS sluit niet uit dat de posters, op abri-formaat, confronterend zullen zijn voor slachtoffers van de oorlog en kinderen.

‘Niet hard genoeg’
Naast Veenman en Vis sprak ook Bloeme Evers-Emden (78) bij de presentatie van de posters. ‘Ikzelf heb met nog bijna duizend mensen in de laatste trein naar Auschwitz gezeten. Nee, gestaan en geleund in een beestenwagen. Goed dat de NS deze herdenking mede heeft georganiseerd, al komen de excuses wel een beetje laat.’ Wat haar betreft kan de campagne, inclusief foto’s niet hard genoeg zijn. ‘Laat het maar schokken.’ Want nog steeds is er sprake van onverschilligheid en haat. ‘Tot onze woede steekt het irrationele antisemitisme weer de duivelskop op. De meest idiote gruwelsprookjes vinden gretig aftrek.’

Meer informatie op www.cjo.nl
Op de site www.cjo.nl staat achtergrondinformatie over deze campagne. Onder meer de volledige teksten van toespraken van Aad Veenman, CJO-secretaris Ruben Vis en overlevende Bloeme Evers-Emden, zijn er na te lezen. Ook zijn er beschrijvingen te vinden van hoe de deportaties vanuit diverse plaatsen in Nederland, per trein, in hun werk zijn gegaan.
Premier Balkenende sprak over ‘nooit meer wij en zij’ bij de opening van het Yad Vashem Holocaust museum in Jeruzalem. De tekst van zijn toespraak en die van Nobelprijswinaar en Holocaustoverlevende Elie Wiesel bij de zelfde gelegenheid zijn ook op www.cjo.nl te vinden.
Er is op de site ook informatie over het monument op het station Muiderpoort dat herinnert aan de deportaties die daarvandaan zijn uitgevoerd en er is een lijst met links naar verdere documentatie over de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog.

Reacties zijn gesloten.