“De Sjoa heeft een bres geslagen in de Nederlandse samenleving, een samenleving die zo veel te danken heeft gehad aan de Joodse inbreng. Terwijl Nederland trots mag zijn op al dat talent, al die energie en betrokkenheid van joodse landgenoten die in de loop der eeuwen onze cultuur en samenleving mede hebben gevormd.” Dat zei premier Balkenende in een uitvoerige beschouwing over de geschiedenis van de Joden in Nederland, op een door het Cidi georganiseerde bijeenkomst in Amsterdam. Ook erkende de premier dat er in de oorlogsjaren Nederlandse gezagsdragers waren die meewerkten met de bezetters. “Zij droegen bij aan een gruwelijk proces waarin joodse Nederlanders hun rechten werden ontnomen en waarin de menselijke waardigheid van joodse landgenoten werd geschonden.”
“Na de bevrijding – toen de behoefte aan begrip, troost en opvang bij de joodse getroffenen zo overstelpend was – heeft Nederland zich van een slechte kant laten zien”, aldus de premier verder.
“Waar warmte nodig was, heersten regels en formaliteiten. Voor wie behoefte had aan begrip, was vaak geen belangstelling. Waar een luisterend oor zoveel had kunnen betekenen, werd vooral gepraat over het eigen leed. De overheid faalde in die eerste tijd na de oorlog bij het vinden van een humane benadering van degenen die terugkeerden. Het is goed dat te erkennen.” In 2000 sprak de regering hierover overigens al spijt en verontschuldigingen over uit en inmiddels zijn maatregelen van tegemoetkoming getroffen.
De premier gaf aan welke motivatie hij ontleent aan het drama van de Sjoa; “De sjoa is voor mij – en voor vele anderen – de belangrijkste historische drijfveer om met kracht verder te werken aan een Europa waarin de waarden vrijheid, respect van de menselijke waardigheid en solidariteit centraal staan. Niet alleen in woorden, maar vooral in daden.”
Over Israël zei Balkenende dat het “bestaansrecht van Israël buiten kijf staat en nimmer in twijfel mag worden getrokken.” Verwijzend naar de woorden van de Israelische president Katsav – het is onmogelijk te vechten tegen antisemitisme als we toelaten dat het bestaansrecht van Israël wordt ontkend – zei Balkenende: “Aan die boodschap mogen we niet voorbijgaan.”
Kijk hier voor de gehele toespraak van de minister-president.
Premier Balkenende maakte in maart een verbaal gebaar naar de Joodse gemeenschap in een toespraak in het vernieuwde Holocaustmuseum Yad Vashem, waar hij de deportatie van het overgrote deel van de joodse Nederlanders tijdens de bezettingsjaren een “inktzwart hoofdstuk in de geschiedenis van Nederland” noemde die “zijn schaduwen ook over onze naoorlogse geschiedenis heeft geworpen. Daarbij hebben we – stap voor stap – geleerd kritisch naar onze eigen houding te kijken.”
Kijk hier voor een uitgebreidere weergave uit de toespraak van de premier bij de opening van het nieuwe Yad Vashem Holocaust museum in Jeruzalem.
