Premier Balkenende: deportatie Joden inktzwart hoofdstuk in Nederlandse geschiedenis

Premier Balkenende heeft in een toespraak in het vernieuwde Holocaustmuseum Yad Vashem de deportatie van het overgrote deel van de joodse Nederlanders tijdens de bezettingsjaren een “inktzwart hoofdstuk in de geschiedenis van Nederland” genoemd die “zijn schaduwen ook over onze naoorlogse geschiedenis heeft geworpen. Daarbij hebben we – stap voor stap – geleerd kritisch naar onze eigen houding te kijken.” Ook haalde de premier de smeekbede van Anne Frank om bevrijding, aan.

Volgens het ANP is de rede van de minister-president een gebaar naar de joodse gemeenschap. Tijdens zijn bezoek aan Israël heeft Balkenende verscheidene malen zijn afschuw uitgesproken over de gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog. Daarbij waarschuwde hij voortdurend voor het opnieuw naar boven komen van antisemitisme.
Premier Balkenende zei tijdens de herdenkingsceremonie bij het Yad Vashem-monument in Jeruzalem onder meer:

140.000 mensen van joodse afkomst telde Nederland in 1940. Zij maakten volledig deel uit van de Nederlandse samenleving. Meer dan 100.000 van hen kwamen om. Zij werden weggevoerd, via het doorgangskamp Westerbork. Eerst in oude personentreinen. Later in goederenwagens. Naar plaatsen die waren ingericht op hun anonieme en mechanische vernietiging. Auschwitz-Birkenau, Sobibor, Bergen-Belsen.

Sommigen van hen wisten nog een afscheidsbriefje uit de trein te gooien. “Lieve vrienden. Wij zitten in de trein en aanvaarden de grote reis naar het onbekende.” Zo begon een briefje dat in november 1943 werd gevonden, langs de spoorlijn tussen Groningen en de Duitse grens.

Inktzwart hoofdstuk

In de geschiedenis van mijn land is de deportatie van het overgrote deel van de joodse Nederlanders tijdens de bezettingsjaren een inktzwart hoofdstuk. Het heeft zijn schaduwen ook over onze naoorlogse geschiedenis geworpen. Daarbij hebben we – stap voor stap – geleerd kritisch naar onze eigen houding te kijken. Koningin Beatrix sprak daar al over in haar toespraak voor de Knesset, in 1995.
Zeker, er waren in ons land veel voorbeelden van moed, vriendschap en solidariteit. Maar ook van onverschilligheid. Van liefdeloosheid. En van verraad.

[Trouw-columnist Ephimenco legde een verband tussen de toespraak van de premier en het overlijden op de dag waarop het nieuwe Yad Vashem werd ingewijd van Loe de Jong, schrijver van het standaardwerk Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog.
Ephimenco: “Ter gelegenheid van de heropening van de het holocaustmuseum Jad Vasjem hield Balkenende een opmerkelijke toespraak. De dood van ruim honderdduizend Nederlandse Joden in de oorlog is natuurlijk allereerst op het conto van de nazi-moordmachine te schrijven. Maar de premier had het ook over ‘voorbeelden van onverschilligheid, kilheid en verraad’. Hij erkende dat het Nederland veel moeite had gekost om de waarheid onder ogen te zien. En veel te laat ook omdat hij als referentiepunt de toespraak van de koningin nam, tien jaar geleden in het Israëlische parlement. Het werk van De Jong was toen allang voltooid. Kennelijk hebben die talloze delen, die duizenden pagina’s en al die middelen van overheidswege niet tot introspectie, zelfkritiek en historisch besef geleid. Het trauma van het eigen falen, van de eigen medeverantwoordelijkheid rond de jodendeportatie is door Loe de Jong niet (voldoende) blootgelegd en blijven sluimeren. Enkele A4’tjes van een koninklijke toespraak hadden, net tien jaar geleden, een betere uitwerking dan het befaamde en volumineuze standaardwerk.”]

Schade en schande
De Tweede Wereldoorlog en de holocaust hebben ons Europeanen met schade en schande geleerd dat er universele waarden zijn die we nooit mogen opgeven. Vrijheid. Respect voor de menselijke waardigheid. Gelijkheid. Solidariteit.
Ik zeg dit in het volle besef dat waarden geen bezit zijn waarop we ons kunnen voorstaan. Waarden zijn geen vanzelfsprekendheden. Integendeel. Waarden zijn een opdracht die we moeten waarmaken. Niet alleen in woorden, maar vooral in daden. Juist de holocaust bewijst de bittere noodzaak daarvan.

Strijden tegen segregatie
Vandaar dat we voortdurend moeten strijden tegen discriminatie en antisemitisme. Dat we met al onze krachten moeten zorgen dat er geen mensen en groepen in onze samenleving apart worden gezet. Want het was juist die van buitenaf opgelegde segregatie die de basis legde voor de massale vervolging en vernietiging van joden tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Ring nauwer toegehaald
Welke dreiging er uitgaat van opgedrongen isolement, beschrijft Anne Frank in haar wereldberoemde dagboek, waarin zij vertelt over haar leven en dat van zeven andere onderduikers in het Achterhuis in Amsterdam. Anne schrijft: “Ik zie ons achten samen met het Achterhuis, alsof wij een stukje blauwe hemel waren, omringd door zware, zwarte regenwolken. De wolken rukken steeds dichter op ons toe en de ring, die ons van het naderende gevaar scheidt, wordt steeds nauwer toegehaald. Ik kan niets anders doen dan roepen en smeken: ‘O ring, ring word wijder en open je voor ons!””
Die smeekbede weerklinkt na meer dan 60 jaar nog steeds in onze oren. Laat ons daarnaar luisteren en daarnaar handelen.
Nooit meer ‘wij’ en ‘zij’. Maar altijd ‘ons’.

 

Klik hier voor de volledige tekst van de toespraak die de minister-president in Yad Vashem, Jeruzalem, uitsprak.

Reacties zijn gesloten.