Joodse Gemeente Amsterdam viert 375-jarig bestaan: zorgen om veiligheid

“Uw aanwezigheid hier geeft uw betrokkenheid bij onze gemeenschap aan en geeft blijk dat het Huis van Oranje ons een warm hart toedraagt en ons beschermt.” Daarmee opende Chanan Hertzberger zijn toespraak aan het adres van koningin Beatrix, bij de viering van het 375-jarig bestaan van de Joodse Gemeente Amsterdam.

Hij betoogde dat waakzaamheid is geboden. “Waakzaamheid om ervoor te zorgen dat de Joodse gemeenschap niet weer buiten de boot valt, zoals dat tijdens de oorlog gebeurde.

Hij blikte tijdens zijn toespraak terug op het verleden, de verschrikkingen in de Tweede Wereldoorlog, maar stond ook stil bij het heden en de toekomst. De laatste tijd neemt discriminatie tegen Joden in de hoofdstad toe.

”Een groot punt van zorg blijft de beveiliging van de Amsterdamse Joden en de Joodse gebouwen, in het bijzonder de Joodse scholen en synagogen”, zei Hertzberger. De kosten die de Joodse Gemeente in de hoofdstad hiervoor jaarlijks moet opbrengen, bedragen 800.000 euro. Het geld is volgens hem niet meer op te brengen. Hierdoor vreest hij voor het voortbestaan van scholen en andere instituten, zoals de Joodse Gemeente.

”Het is verschrikkelijk om te moeten constateren dat beveiliging noodzakelijk is. Dat anno 2010 Joodse kinderen alleen onder begeleiding naar Artis en de Efteling mogen en wij na afloop van de dienst niet voor de sjoel mogen napraten, is onacceptabel, maar wel de realiteit.”

Koningin Beatrix woonde de ceremoniële dienst in de Raw Aron Schuster Synagoge zondagmiddag samen met veel andere hoogwaardigheidsbekleders bij. Zij volgde daarmee in de voetsporen van Frederik Hendrik die al in 1642 de Joodse Gemeente van Amsterdam bezocht.  Zelf was de koningin onder meer bij het vorige jubileum van de Hoogduitse Joodse Gemeente in 1995.
”Als Joodse gemeenschap zijn wij ervan overtuigd dat onze koningin, haar regering en de politici van rechts tot links, zowel landelijk, provinciaal als gemeentelijk, onze gemeenschap daar waar nodig zullen beschermen”, aldus Hertzberger.

Onder zijn gehoor naast de koningin, ook de burgemeester van Amsterdam, Eberhard van der Laan en commissaris van de Koningin Johan Remkes, alsmede de burgemeesters van Amstelveen, Kaag en Braasem en Uithoorn en de loco-burgemeester van Muiden. Ook het stadsdeel Amsterdam Zuid, waar de synagoge ligt, was vertegenwoordigd, door stadsdeelvoorzitter Paul Slettenhaar en deelraadswethouder Simone Kukenheim. Het stadsdeel werd lof toegezwaaid vanwege de reservering van gelden voor de beveiliging van joodse gebouwen in Amsterdam Zuid. Daarmee is het de eerste overheid die deze zorg op een dergelijke structurele wijze onderkent.

Wat de dienstverlening aan de Joden in Amsterdam betreft constateerde Hertzberger dat Amsterdam alle Joodse voorzieningen telt die denkbaar zijn: 2 Joodse scholen, 2 bakkers, 1 slager, 3 restaurants, een kerkelijk bad, begraafplaatsen, een mooi bejaardentehuis, een nieuwe psychiatrische zorginstelling en vele goede sociale voorzieningen. Op sjabbat zijn op 13 plaatsen sjoeldiensten en door de week op 7. Desondanks wees hij op de smalle schouders die dit alles moeten dragen. Hij signaleerde, net als in de algemene samenleving, een teruggang in sociale interesse.

Hertzberger stond ook stil bij de donkere oorlogsjaren waar tien procent van de Amsterdammers vanwege hun jood-zijn werden vervolgd. “Van de tachtig duizend Amsterdamse Joden, 10% van alle Amsterdammers, waren er in 1945 nog maar 15.000 over. Vaak door hulp van Nederlanders, zoals o.a. de ouders van burgemeester Van der Laan, die met gevaar voor hun eigen leven en dat van hun familie, Joden hebben gered, waarvoor wij hen danken en eren, hebben enkelen de oorlog overleefd. Zij hebben met onvoorstelbaar optimisme en doorzettingsvermogen onze kehilla, onze gemeente, weer opgebouwd.”

In de dienst werd voorgegaan door de jonge chazzan (voorzanger) Sascha Wolf van Ravenswade, die op prachtige wijze de gezangen en gebeden vertolkte. Hij werd geassisteerd door het Amsterdams Synagogaal Koor. Het koor bestaat dit jaar 25 jaar en werd  opgericht bij het 350-jarig bestaan van de Joodse Gemeente in 1995.

De bijzondere gebeden werden niet door de chazzan maar door diverse rabbijnen uitgesproken, waaronder ook de NIK-rabbijn R. Evers en de Hoofdkrijgsmachtrabbijn kolonel M. Sebbag.

Reacties zijn gesloten.