Het curatorium en de rector van het Nederlands-Israëlitisch Seminarium (NIS) hebben kennis genomen van een publicatie over het NIS in HP De Tijd. Op basis van drie anonieme bronnen, met elk een ander verhaal, wordt een beeld geschetst dat de kwaliteit van het onderwijs onvoldoende zou zijn gewaarborgd, financiële middelen niet goed worden aangewend en zelfs dat er zou zijn gesjoemeld met bonnetjes. Daarnaast zou het NIS onvoldoende transparant zijn.
Deze ongestaafde beweringen en insinuaties werpen wij verre van ons. Maar meer in het bijzonder betreuren wij de bedenkelijke omgangsvormen die binnen de Joodse gemeenschap in acht genomen worden, het feit dat men personen via de media in een kwaad daglicht tracht te stellen alsmede de werkwijze die de betreffende journalisten hebben toegepast. De journalisten voeren hun bronnen anoniem op. Van een van die kwaadsprekers is de identiteit zelfs bij de journalisten niet bekend. Daarnaast geven de journalisten aan dat de beweringen niet kunnen worden gecontroleerd. Om deze dan toch op papier te zetten, druist lijnrecht in tegen de eigen journalistieke gedragslijnen.
Het NIS is een volledig transparant instituut. Elk jaar vindt een accountantscontrole plaats, er is een goed functionerend toezicht en er zijn diverse verantwoordings- en controlelijnen. Een mogelijk misstand zal dus altijd aan het licht komen en daar zal adequaat op gereageerd worden. Misstanden zijn echter niet aangetroffen.
Vanuit onze transparante en open basishouding hebben wij ook ingestemd met een gesprek met de journalisten. Tijdens dit gesprek zijn wij uitvoerig ingegaan op alle vragen en hebben wij met de nodige onderbouwingen en bewijzen laten zien dat de beweringen onjuist zijn. Des te schrijnender is het dan als deze toch worden opgeschreven. Maar dat is niet de verantwoordelijkheid van het NIS.
Zijn er verbeteringen door te voeren binnen het NIS? Jazeker, daarover kan geen twijfel bestaan. Voor wat betreft het beleid, de inhoud en het niveau van het onderwijs en de examinering zijn het curatorium en de rector gezamenlijk een ambitieus pad ingeslagen, hetgeen al lang als bekend mag worden verondersteld. Daarover laten we ons graag interviewen, wat in onze ogen nimmer tot een publicatie zou kunnen leiden als in HP De Tijd. Tot slot. Wij zien transparantie als een groot goed en zullen ons altijd indachtig die waarde blijven gedragen. Correcte omgangsvormen en – als tegenhanger – anderen niet op de persoon beschadigen, zijn evenzo belangrijke waarden. Op die waarden zijn wij aanspreekbaar. Enkel op die wijze blijven wij in staat om met elkaar te blijven werken aan de opbouw.
