Niet enthousiast over namenwand-idee

Het Nederlands Auschwitz Comité heeft het plan opgevat een namenwand te plaatsen in het Wertheimpark in Amsterdam. Het CJO en het NIK zijn niet enthousiast over aanpak en uitvoering van het project.

Aan het Auschwitz Comité heeft het Centraal Joods Overleg uiteen gezet waarom het twijfels heeft bij het plan. Het CJO verwoordt ook de opvatting van het NIK in dezen. Een groep van zo’n 45 Nederlandse Joden, deels in Israel woonachtig, heeft zich verenigd en heeft gisteren in Het Parool, een vrijwel gelijkluidende boodschap afgegeven als verwoord in de brief van het Centraal Joods Overleg aan het Nederlands Auschwitz Comité.

Gelijkschakeling
Aan het Nederlands Auschwitz Comité schrijft het Centraal Joods Overleg: “U wilt een monument voor alle Nederlandse slachtoffers die in concentratiekampen vermoord zijn. Eén monument met de namen van allen die vanuit verschillende achtergronden in de concentratiekampen terecht zijn gekomen. Slachtoffers die uit het verzet kwamen, slachtoffers die waren opgepakt vanwege hun politieke kleur, slachtoffers die in concentratiekampen terecht kwamen vanwege vervolging op basis van hun Joods-zijn en andere slachtoffers. Het CJO kan zich niet vinden in een dergelijke gelijkschakeling van alle slachtoffers uit concentratiekampen.

Uniciteit
Wij wijzen u op pogingen her en der in de wereld, de uniciteit van de vernietiging van het Joodse volk te bagatelliseren of zelfs te ontkennen. Daaraan ten grondslag ligt ons inziens juist ook dat in de huidige vormen van herdenken onvoldoende of in het geheel niet de uniciteit van de vernietiging van het Joodse volk tot uitdrukking komt.
Op geen enkele wijze willen wij tekort doen aan anderen die het leven lieten vanwege het Nazi-regime. Dat ook zij die in het verzet zaten of vanwege een politieke overtuiging in de concentratiekampen vermoord werden, herdacht moeten worden, is voor het CJO geen punt van discussie.

Luid en duidelijk
Echter, voor een weergave van de geschiedenis waarbij aan een ieder, zowel aan Joden, verzetsstrijders als aan anderen, recht wordt gedaan, is volgens het CJO een vormgeving noodzakelijk waarin de verschillen luid en duidelijk tot uitdrukking komen. Dat is in uw plannen vooralsnog niet het geval.”

Metrostation
Ook heeft het CJO aangegeven dat een dergelijke wand, voor wat betreft de Joodse slachtoffers, al bestaat in de vorm van de tableau’s met familienamen in het portaal van de Hollandsche Schouwburg.
Wanneer er dan toch een namenwand zou moeten komen, binnen de door het CJO geschetste kaders, dan niet in het Wertheimpark. Een alternatief zou kunnen zijn om de namen weer te geven op de tientallen meters lange muren van het metrostation Nieuwmarkt; hart van de Jodenbuurt en de metro is het moderne equivalent van het vervoersysteem waarmee joden destijds werden getransporteerd. Nu staan de muren van het metrostation in het teken van de metrorellen uit de jaren ’70, maar ontbreekt, in tegenstelling tot wat enkele jaren geleden nog het geval was, een duidelijke verwijzing naar wat de wijk eens was: een joodse buurt, voor en (gedwongen) in de oorlog.

Gelijke monniken
De in België docerende hoogleraar Klaas Smelik verwoordde zijn opvatting aldus: “In 1945 heeft de Nederlandse overheid een kardinale fout gemaakt door het gelijkheidsbeginsel toe te passen bij de opvang van de Joodse slachtoffers. Dat gelijkheidsbeginsel resulteerde in feite in een catastrofaal gebrek aan opvang voor deze groep, die een geheel ander lot had ondergaan dan de andere Nederlanders. Joden mochten niet anders worden behandeld dan niet-Joden, nu het nationaalsocialisme was verslagen, was de verklaring. Maar zo ligt het niet. De Sjoa is een unieke gebeurtenis in de geschiedenis en kan niet op één lijn worden gesteld met andere oorlogsmisdaden.
Dit wil natuurlijk niet zeggen dat de andere slachtoffers niet zouden moeten worden herdacht – geenszins! Maar de fout van 1945 mag niet worden herhaald. Gelijke monniken, gelijke kappen is in dit geval uit den boze.”

Door zetten
Het Auschwitz Comité heeft laten weten de plannen door te zetten. Voor het Auschwitz Comité is het nauwkeurig en in de juiste verhouding weergeven van de namen zorg nummer één, zoals het NAC het in een brief aan het CJO verwoordt. “Om recht te doen wat er met de verschillende bevolkingsgroepen en in welke mate gedurende de Tweede Wereldoorlog is geschied.”
Bij de verdere uitwerking wil het comité het CJO betrekken. Ook de andere locatie, metrostation Nieuwmarkt, zal het Auschwitz Comité, hoewel al ver gevorderd in haar denken over de invulling van de locatie Wertheimpark, meenemen in contacten met door het Comité te benaderen gesprekspartners. Het is niet duidelijk of daartoe ook de exploitant van het Amsterdamse metrostation behoort.

Reacties zijn gesloten.