Glasplaten bij Joods onderduikershol vernield

Onbekenden hebben twee glasplaten van een maquette bij het Joods onderduikerhol in het Valtherbos bij Valthe (Drenthe) vernield. Donderdagmorgen 21 juni is deze vernieling gemeld bij de politie. Het is nog niet duidelijk wanneer deze vernieling is gepleegd. Aan het fietspad van Valthe naar Emmen ligt het onderduikershol.

Ruim tweeënhalf jaar van de oorlog bracht Ab van Dien door in zorgvuldig verborgen plaatsen in de buurt van Emmen, zoals het hol bij Valthe. In het Reformatorisch Dagblad zei Van Dien over hun onderduikplaats:
Na drie maanden met twaalf anderen in een kippenhok vertoefd te hebben, trok de club onderduikers het bos in bij Valthe. „Daar hebben we een kuil uitgegraven, zo goed als met blote handen, en er een plaggenhut neergezet.”
Tweeënhalf jaar hield Ab het daar uit. „We zijn er eigenlijk doorheen gekomen vanwege de corveetaken. Elke ochtend om zes uur en elke avond om zeven uur camoufleerden we de hut. Daarbij letten we op elk takje, elk blaadje dat onze aanwezigheid zou kunnen verraden. Het ging zo goed, dat zelfs de medewerkers van Staatsbosbeheer ons niet opmerkten toen die op minder dan 10 meter aan het werk waren.”
De rest van de dag vulde de groep onderduikers met „lezen, schaken en praten.” En zoeken naar voedsel en water. „Toen we op een keer geen water meer hadden, ging het sneeuwen. Die sneeuw was onze redding; het was voor ons als manna. Met wijd geopende mond liepen we buiten rond. We hielden ons in leven met knollen en aardappels die we ’s nachts van het land stalen.”
Tot de dag van hun ontdekking kwam. „We werden ontdekt door een mannetje dat, samen met zijn vrouw, wel eens hout sprokkelde in de buurt van onze hut, zoals Hans en Grietje in het sprookje. Het waren oude mensen, die eigenlijk buiten het leven stonden. Op een zondagmorgen was hij boven op onze hut hout aan het verzamelen. Hij had helemaal niet door dat er een hut was, totdat hij door het dak zakte. Verbaasd keek hij rond toen hij ons zag. „Zijn jullie padvinders?” vroeg hij. „Zeker”, zeiden wij. We vonden het geen slechte oplossing.”
Van Dien glimlacht als hij aan de gebeurtenis terugdenkt. „Maar hij heeft toen tegen zijn vrienden verteld dat hij padvinders had ontdekt. Een week later kwam de SS. Ternauwernood zijn we aan hen ontsnapt.”

In de oorlog zijn er door Ab van Dien, een van de onderduikers, aantekeningen gemaakt. Deze zijn na de oorlog uitgewerkt en als boekje; ” De Opgejaagden” aan de hoogste klassen van de basisscholen in Valthe en Klijndijk uitgedeeld.

Op 11 april 1984 is er een gedenksteen geplaatst. In 2003 is het hol gehel gerenoveerd en voor de toekomst gepreserveerd. Dit projct werd op 20 april 2004 afgerond in aanwezigheid van ex-bewoners Van Dien en mevrouw J. Scharpstein-Gudema. Zij onthulden toen een plaquette die nu recent aan vernieling bloot is gesteld.

Het monument is geadopteerd door klassen van drie scholen De Bark, de Linderakkers en het Schienvat uit de omgeving van het onderduikershol.

Reacties zijn gesloten.