Joodse Omroep hoeft niet in te leveren

De toewijzing van zendtijd voor religies en geestelijke stromingen voor de periode 2005-2010 blijft ongewijzigd. Dit betekent dat het aantal uren dat de Joodse Omroep uitzendt op televisie en radio niet vermindert. IKON en de Humanistische Omroepstichting hebben bij de verdeling van zendtijd in 2005 terecht fors ingeleverd. Dat heeft de Raad van State heeft in hoger beroep bepaald. Het verdelingsbesluit voor zendtijdtoewijzing aan groeperingen op godsdienstige of geestelijke grondslag werd bevochten omdat bestaande omroepen, waaronder de IKON, zendtijd moesten inleveren of zoals bij de toewijzing van zendtijd voor de Islam, moesten gaan delen met een andere nieuwe omroep op de zelfde geestelijke grondslag. Wanneer de Raad van State de zendtijdverdeling zou hebben aangepast, dan had dit zeer waarschijnlijk mede in het nadeel van de Joodse Omroep nuitgevallen. Dat is nu niet het geval.
In een groeimodel 2005-2010 komt de Joodse Omroep uiteindelijk op 25 uur televisie per jaar (was 10) en 78 uur radio (was 13). Daarnaast is er sinds 2005 veel (meer) zendtijd gegaan naar de stromingen Islam, Bhoeddisme en Hindoeïsme. Dit ging ten koste van de zendtijd van IKON en Humanistische Omroep.

Reacties zijn gesloten.