Grafzerkvernielers Joodse begraafplaats Beek aangehouden.

De daders van de vernielingen op de joodse begraafplaats in Beek zijn opgepakt. Het gaat om een 16-jarige jongen uit Schimmert en een 20-jarige man uit Beek. Zij hebben op de Joodse begraafplaats in Beek bijna alle grafzerken omver geworpen. 

Een vroege jogger ontdekte de schade. Op de begraafplaats staan negentien zerken. Vijftien daarvan moesten het ontgelden. De aangehouden twee Limburgers vernielden de graven na cafébezoek op vrijdagavond 27 oktober. Van anti-semitisme is de politie niets gebleken. De politie kwam de twee op het spoor in een onderzoek naar het vernielen van auto’s. In verband daarmee zijn nog 3 verdachten opgepakt. Mogelijk heeft de groep van in totaal vijf personen nog andere vernielingen gepleegd.
Twee agenten werden in de nacht van vrijdag 3 op zaterdag 4 november tijdens een onopvallende surveillance in de omgeving van de begraafplaats, geconfronteerd met een automobilist die drie jongeren aansprak in verband met het vernielen van een spiegel van zijn auto. Het drietal werd aangehouden. Later werden nog twee andere verdachten aangehouden. Tijdens een onderzoek bleek dat van zestien geparkeerde auto’s de spiegels aan de straatzijde vernield waren, en dat de jongeren ook verantwoordelijk zijn voor de schade exact een week eerder aan d zerken op de Joodse begraafplaats.

De begraafplaats dateert van 1794. Het jongste graf dateert van 1999 toen een oud-inwoner van Beek die de oorlog in de onderduik had overleefd er werd begraven. Kort na de constatering van de vernieling zei J. Gans, consulent Joodse begraafplaatsen van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap: “Er zijn geen woorden genoeg om de gevoelens van vooral de nabestaanden en ouderen die de Tweede Wereldoorlog hebben meegemaakt, in dit soort gevallen te beschrijven”.

Diep geraakt
Een deel van de graven bestaat uit monumenten uit de negentiende eeuw. Daarvan is een aantal in verschillene brokken uiteen gevallen.
De gemeente Beek neemt de zaak hoog op. Een woordvoerder van burgemeester cremers noemde de vernieling een wandaad jegens de gehele gemeente Beek. “De Joodse begraafplaats vormt een onderdeel van de Beekse gemeenschap, daarmee wordt ook de gemeente Beek diep geraakt.”

Diepgaand onderzoek
De aanhouding van de twee verdachten volgt op een indringend verzoek van burgemeester Cremers van Beek aan de regionale politie om een diepgaand onderzoek in te stellen en hem van tussentijdse uitkomsten onmiddellijk op de hoogte te brengen.
De buurt is geschokt. De gemeente gaat samen met de stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers over tot het herstel van de aangerichte schade. Een oud-huisarts uit het Limburgse dorp noemt de aangerichte schade ‘catastrofaal’. “Het is gewoon dramatisch.” Het herstel gebeurt in nauw overleg met het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap dat eigenaar van de begraafplaats is.

Net hersteld
Eerder dit jaar werd op de begraafplaats ook al een zerk omver getrokken. De schade daarvan was net hersteld. Dertien jaar geleden is de begraafplaats ook al doelwit geweest. Toen heeft de stichting Herdenking Oorlogsslachtoffers geld ingezameld om de schade te herstellen. De voorzitter van het stichtingsbestuur meent dat de materiële omvang van de schade aan de zerken nu vele malen groter is dan destijds.

Woonbebouwing
De Joodse begraafplaats ligt sinds de bebouwde kom zich door uitbreiding van het aantal woningen heeft uitgebreid, op nog maar 100 meter van de eerste woonbebouwing. Op dit moment wonen er voor zover bekend geen joden meer in Beek.

Hoogtepunt
Het Joodse leven in Beek beleefde haar hoogtepunt in de jaren ’60 van de negentiende eeuw toen er een synagoge werd ingewijd en Beek zo’n vijftig Joodse inwoners telde. Daarna zijn het steeds minder dan 30-40 Joden geweest die in de Zuidlimburgse plaats woonden.

Reacties zijn gesloten.