Bot wimpelt vragen VVD en D66 af over gesprek Nederlandse ambassadeur met Iraanse leider

UPDATE Kort na de litanie aan anti-Joodse uitspraken van de Iraanse president Ahmadinejad, heeft de Nederlandse ambassadeur in Iran een gedachtenwisseling gevoerd met een andere politieke leider Akbar Rafsanjani. De ambassadeur pleitte volgens het Iraanse staatspersbureau IRNA voor het intensiveren van de relaties tussen beide landen.
Nadat het NIK de aandacht op het bericht had gevestigd, hebben VVD en D66 Kamervragen gesteld aan de minister van buitenlandse zaken.
Minister Bot heeft de vragen in korte bewoordingen en zonder inhoudelijke weerlegging beantwoord.

VVD-buitenlandwoordvoerder Hans van Baalen en diens D66 collega Van der Laan vroegen de minister hoe het kan dat de Nederlandse ambassadeur aanstuurt op versterking van de banden terwijl de Tweede Kamer wenst dat er afstand wordt gehouden tot het Iraanse regime.

D66 beschouwt de ontmoeting van ambassadeur De Vries met Rafsanjani als het zich laten lenen voor een gesprek waarin een mening wordt geventileerd die haaks zou moeten staan op wat Nederland qua buitenlands beleid voorstaat.
Oud-president Rafsanjani is tegenwoordig adviseur van de Iranese politiek en van religieus leider Ayatollah Ali Khamenei.
Ook wilde Van der Laan weten in welk licht de ontmoeting tussen Rafsanjani en de Nederlandse ambassadeur De Vries moeten worden geplaatst, na de afschuwelijke uitspraken van president Ahmadinejad en de reactie daarop van de Nederlandse regering en de Tweede Kamer en nu tevens de nucleaire onderhandelingen tussen Iran en de EU vast lijken te lopen.

Minister Bot antwoordde de Kamerleden van D66 ven VVD: “Tijdens zijn onderhoud met oud-president Rafsanjani heeft de ambassadeur er op gewezen hoeveel Iran te winnen heeft bij samenwerking met de Europese Unie, onder meer op het gebied van technologie, wetenschap, handel en investeringen. Deze boodschap is te plaatsen in het kader van inspanningen inzake nucleaire proliferatie om de problemen met Iran langs de weg van onderhandelingen op te lossen. Over bilaterale samenwerking heeft de ambassadeur geen uitspraken gedaan.
Over de zorgen van de regering over de Iraanse opstelling inzake het Midden Oosten Vredesproces, terrorisme, nucleaire non-proliferatie en mensenrechten kunnen in
Teheran, mede dankzij de inspanningen van de ambassadeur, geen misverstanden bestaan.”

Afschuwelijke uitspraken
D66 stelde onder meer de volgende vragen aan minister van buitenlandse zaken Ben Bot:
1. In welk licht moet de ontmoeting tussen de heer Rafsanjani en de Nederlandse ambassadeur De Vries worden geplaatst, na de afschuwelijke uitspraken van president Ahmadinejad en de reactie daarop van de Nederlandse regering en de Tweede Kamer en nu tevens de nucleaire onderhandelingen tussen Iran en de EU vast lijken te lopen?
2. Waarom spreekt ambassadeur De Vries over het verdiepen van de Nederlands-Iraanse relaties na bovenstaande ontwikkelingen?
3. Passen de uitspraken van Rafsanjani waarin hij spreekt van het uit de weg gaan van “Zionistische en Amerikaanse invloed” in de opvatting van de Nederlandse regering over het Nederlands buitenlands beleid? Zo neen, waarom leent de Nederlandse ambassadeur zich voor een gesprek waarin deze mening geventileerd kan worden, en wat is de Nederlandse reactie hierop?
4. In uw antwoord op vragen van Lambrechts en Van der Laan op 23 december 2005 over het ophangen van homoseksuelen in Iran, schrijft u dat via de EU en de VN er druk op Iran wordt uitgeoefend om de mensenrechten in Iran te waarborgen. U gaat in dit antwoord niet in op de specifieke Nederlandse rol. Moet dit antwoord en de uitspraken van de Vries zo worden uitgelegd, dat Nederland bilateraal Iran niet aanspreekt op mensenrechten schendingen, ondemocratische taal en ontransparant nucleair beleid? Zo neen, wat zijn de volgende stappen die Nederland neemt om te voorkomen dat de ambassadeur niet laat blijken dat Nederlands-Iraanse betrekkingen op dit moment verdiept worden, om te voorkomen dat Iran een nucleaire bedreiging vormt voor de regio en om in de toekomst alle ondemocratische in discriminerende uitspraken van de Iranese overheid te veroordelen?

Ter verantwoording
De uitspraken van de Iraanse president leidde tot een storm van kritiek. De Iraanse ambassadeur in Den Haag is twee keer door de Nederlandse regering ter verantwoording geroepen.
Het CJO pleitte er voor dat, waar Ahmadinejad de Holocaust een mythe noemde, de Iraanse ambassadeur ontboden diende te worden op een plaats die de herinnering aan de Holocaust tastbaar maakt: bijvoorbeeld de Hollandsche Schouwburg, kamp Westerbork, kamp Amersfoort of Kamp Vught.

Reacties zijn gesloten.